Naar de inhoud

schilferen

schilfers loslaten

schilferen

werkwoord

Betekenis

  1. schilfers loslaten

Vervoeging van schilferen

schilferenhele werkwoord — schilferdeverleden tijd enkelvoud — schilferdenverleden tijd meervoud — geschilferdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik schilfer schilferde
jij schilfert schilferde
hij, zij, het schilfert schilferde
wij schilferen schilferden
jullie schilferen schilferden
zij schilferen schilferden
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
geschilferd verleden tijd, deelwoord
geschilferd te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geschilferd zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
is geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
schilfer gebiedende wijs
schilferde verleden tijd
schilfere aanvoegende wijs
schilferend onvoltooid, deelwoord
te schilferen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zijn geschilferd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen schilferen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geschilferd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geschilferd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geschilferd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geschilferd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geschilferd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geschilferd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geschilferd voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geschilferd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geschilferd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geschilferd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt schilferen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen schilferen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geschilferd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult schilferen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van schilfer met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van schilferen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geschilferd voltooid deelwoord schilferen
schilferde verleden tijd schilferen
schilferden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon schilferen
schilfere aanvoegende wijs schilferen
schilferend onvoltooid deelwoord schilferen
schilferende woordvorm schilferen
schilfert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon schilferen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schilferen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over schilferen

Wat is de betekenis van schilferen?
Schilferen is een werkwoord. De betekenis is: schilfers loslaten.
Hoe vervoeg ik schilferen?
Zo vervoeg je schilferen zo: de tegenwoordige tijd is schilfer, de verleden tijd is schilferde en het voltooid deelwoord is geschilferd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord schilferen is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. I 1
  5. L 3
  6. F 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

schilferen levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. H 4
  4. I 2
  5. L 3
  6. F 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 25 zonder bonus
  12. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

schilferen in het kort

schilferen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van schilferen staan er 33 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort schilferen bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

schilferen: schilfers loslaten
Deel schilferen — standaardnederlands.nl