Naar de inhoud

rondvragen

aan verschillende personen van een gezelschap of regio vragen

rondvragen is meer dan één woord

rondvragen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. aan verschillende personen van een gezelschap of regio vragen

Vervoeging van rondvragen

rondvragenhele werkwoord — vraagde rondªverleden tijd enkelvoud — vraagden rondªverleden tijd meervoud — rondgevraagdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vraag rond vraagde rondª
jij vraagt rond vraagde rondª
hij, zij, het vraagt rond vraagde rondª
wij vragen rond vraagden rondª
jullie vragen rond vraagden rondª
zij vragen rond vraagden rondª
Alle 148 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
(vraagde rond) verleden tijd
- impersonal, passief
ben rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is rondgevraagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was rondgevraagd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd rondgevraagd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt rondgevraagd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal rondgevraagd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal rondgevraagd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou rondgevraagd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou rondgevraagd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had rondgevraagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had rondgevraagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden rondgevraagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden rondgevraagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben rondgevraagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rond te vragen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rond te zullen vragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
rond zal vragen bijzin, toekomende tijd
rond zou vragen bijzin, voorwaardelijk
rond zouden vragen bijzin, voorwaardelijk
rond zoudt vragen bijzin, voorwaardelijk
rond zullen vragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
rond zullen vragen bijzin, toekomende tijd
rond zult vragen bijzin, toekomende tijd
rondgevraagd verleden tijd, deelwoord
rondgevraagd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rondgevraagd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rondgevraagd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevraagd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevraagd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevraagd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
rondgevraagd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
rondgevraagd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondgevraagd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondgevraagd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondvraag bijzin, tegenwoordige tijd
rondvraagdenª bijzin, verleden tijd
rondvraagdeª bijzin, verleden tijd
rondvraagt bijzin, tegenwoordige tijd
rondvragend onvoltooid, deelwoord
rondvroeg bijzin, verleden tijd
rondvroegen bijzin, verleden tijd
te hebben rondgevraagd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen rondvragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vraag rond gebiedende wijs
vroeg rond verleden tijd
waart rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren rondgevraagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren rondgevraagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was rondgevraagd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was rondgevraagd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was rondgevraagd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt rondgevraagd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal rondgevraagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal rondgevraagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal rondvragen bijzin, toekomende tijd
zijn rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt rondgevraagd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou rondvragen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) rondvragen rond zou(dt) vragen bijzin, voorwaardelijk
zouden rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden rondvragen bijzin, voorwaardelijk
zoudt rondgevraagd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rondgevraagd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt rondvragen bijzin, voorwaardelijk
zullen rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen rondgevraagd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rondgevraagd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rondgevraagd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen rondgevraagd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen rondgevraagd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rondvragen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rondvragen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord rondvraag

Herkomst

samenstelling van rond en vragen

Woordfamilie van rondvragen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
rondgevraagd voltooid deelwoord rondvragen
rondgevraagde woordvorm rondvragen
rondvraagde with-subordinate-clause rondvragen
rondvraagden with-subordinate-clause rondvragen
rondvraagt subordinate-clause, tegenwoordige tijd rondvragen
rondvrage with-subordinate-clause rondvragen
rondvragend onvoltooid deelwoord rondvragen
rondvragende woordvorm rondvragen
rondvroeg subordinate-clause, verleden tijd rondvragen
rondvroegen subordinate-clause, verleden tijd rondvragen
vraag rond gebiedende wijs rondvragen
vraagde rond woordvorm rondvragen
vraagden rond woordvorm rondvragen
vraagt rond aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon rondvragen
vrage rond woordvorm rondvragen
vragen rond aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon rondvragen
vroeg rond verleden tijd rondvragen
vroegen rond aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon rondvragen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rondvragen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over rondvragen

Wat betekent rondvragen?
Rondvragen is een werkwoord. Het woord betekent: aan verschillende personen van een gezelschap of regio vragen.
Hoe vervoeg je rondvragen?
Je vervoegt rondvragen als volgt: het voltooid deelwoord is rondgevraagd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord rondvragen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. V 4
  6. R 2
  7. A 1
  8. G 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

rondvragen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. V 4
  6. R 2
  7. A 1
  8. G 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 zonder bonus
  12. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

rondvragen in het kort

rondvragen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van rondvragen zijn 93 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort rondvragen bij een woordfamilie van 18 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

rondvragen: aan verschillende personen van een gezelschap of regio vragen
Deel rondvragen — standaardnederlands.nl