Naar de inhoud

rondvaren

geheel rondom een landmassa of de aarde zelf varen

rondvaren

werkwoord

Betekenis

  1. geheel rondom een landmassa of de aarde zelf varen
  2. met een boot een tocht maken en weer terugkeren naar de oorsprong
  3. iemand op een boot meenemen op een rondvaart
  4. tweede betekenisomschrijving
  5. enz.

Vervoeging van rondvaren

rondvarenhele werkwoord — voer rondverleden tijd enkelvoud — voeren rondverleden tijd meervoud — rondgevarenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vaar rond voer rond
jij vaart rond voer rond
hij, zij, het vaart rond voer rond
wij varen rond voeren rond
jullie varen rond voeren rond
zij varen rond voeren rond
Alle 118 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief, voltooid
ben rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is rondgevaren impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid
er was rondgevaren impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid
er werd rondgevaren impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid
er wordt rondgevaren impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal rondgevaren worden impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal rondgevaren zijn impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid
er zou rondgevaren worden impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid
er zou rondgevaren zijn impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid
ev. gebiedende wijs
hebben rondgevaren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
is rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rond te varen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rond te zullen varen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
rond zal varen bijzin, toekomende tijd
rond zou varen bijzin, voorwaardelijk
rond zouden varen bijzin, voorwaardelijk
rond zoudt varen bijzin, voorwaardelijk
rond zullen varen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
rond zullen varen bijzin, toekomende tijd
rond zult varen bijzin, toekomende tijd
rondgevaren verleden tijd, deelwoord
rondgevaren te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rondgevaren te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
rondgevaren te zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevaren te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevaren te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
rondgevaren worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
rondgevaren zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
rondgevaren zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondgevaren zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondgevaren zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
rondvaar bijzin, tegenwoordige tijd
rondvaart bijzin, tegenwoordige tijd
rondvarend onvoltooid, deelwoord
rondvoer bijzin, verleden tijd
rondvoeren bijzin, verleden tijd
te hebben/zijn rondgevaren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen rondvaren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vaar rond gebiedende wijs
voer rond verleden tijd
waart rondgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren rondgevaren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren rondgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren rondgevaren voltooid, verleden tijd, derde persoon
was rondgevaren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was rondgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was rondgevaren voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt rondgevaren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal rondvaren bijzin, toekomende tijd
zijn rondgevaren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt rondgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou rondvaren bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) rondvaren rond zou(dt) varen bijzin, voorwaardelijk
zouden rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden rondvaren bijzin, voorwaardelijk
zoudt rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rondgevaren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt rondvaren bijzin, voorwaardelijk
zullen rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen rondvaren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen rondvaren bijzin, toekomende tijd
zult rondgevaren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult rondgevaren zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult rondvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult rondvaren bijzin, toekomende tijd
zult/zal rondvaren rond zult/zal varen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van rond en varen

Woordfamilie van rondvaren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
rondgevaren voltooid deelwoord rondvaren
rondvaar subordinate-clause, tegenwoordige tijd rondvaren
rondvare with-subordinate-clause rondvaren
rondvarend onvoltooid deelwoord rondvaren
rondvarende woordvorm rondvaren
vaar rond gebiedende wijs rondvaren
vaart rond aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon rondvaren
vare rond woordvorm rondvaren
varen rond aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon rondvaren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rondvaren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over rondvaren

Wat betekent rondvaren?
Rondvaren is een werkwoord. Het woord betekent: geheel rondom een landmassa of de aarde zelf varen. Deze pagina beschrijft 5 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je rondvaren?
Je vervoegt rondvaren als volgt: het voltooid deelwoord is rondgevaren. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord rondvaren is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. V 4
  6. A 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

rondvaren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. V 4
  6. A 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

rondvaren in het kort

rondvaren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 5 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van rondvaren zijn 76 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort rondvaren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

rondvaren: geheel rondom een landmassa of de aarde zelf varen
Deel rondvaren — standaardnederlands.nl