Naar de inhoud

resoneren

meetrillen, meeklinken.

resoneren

werkwoord

Betekenis

  1. meetrillen, meeklinken.
  2. naklinken, weerklank geven.

Vervoeging van resoneren

resonerenhele werkwoord — resoneerdeverleden tijd enkelvoud — resoneerdenverleden tijd meervoud — geresoneerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik resoneer resoneerde
jij resoneert resoneerde
hij, zij, het resoneert resoneerde
wij resoneren resoneerden
jullie resoneren resoneerden
zij resoneren resoneerden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geresoneerd verleden tijd, deelwoord
geresoneerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geresoneerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geresoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geresoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geresoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geresoneerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geresoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geresoneerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geresoneerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geresoneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geresoneerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
resoneer gebiedende wijs
resoneerde verleden tijd
resonere aanvoegende wijs
resonerend onvoltooid, deelwoord
te hebben geresoneerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te resoneren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen resoneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geresoneerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt resoneren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen resoneren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geresoneerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult resoneren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘meeklinken’ voor het eerst aangetroffen in 1548

Woordfamilie van resoneren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geresoneerd voltooid deelwoord resoneren
resoneer gebiedende wijs resoneren
resoneerde verleden tijd resoneren
resoneerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon resoneren
resoneert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon resoneren
resonere aanvoegende wijs resoneren
resonerend onvoltooid deelwoord resoneren
resonerende woordvorm resoneren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van resoneren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over resoneren

Wat is de betekenis van resoneren?
Resoneren is een werkwoord. De betekenis is: meetrillen, meeklinken. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik resoneren?
Zo vervoeg je resoneren zo: de tegenwoordige tijd is resoneer, de verleden tijd is resoneerde en het voltooid deelwoord is geresoneerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord resoneren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. E 1
  3. S 2
  4. O 1
  5. N 1
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

resoneren levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 48 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. E 1
  3. S 2
  4. O 1
  5. N 1
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 12 zonder bonus
  11. 48 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (R) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

resoneren in het kort

resoneren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van resoneren staan er 32 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort resoneren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

resoneren: meetrillen, meeklinken.
Deel resoneren — standaardnederlands.nl