rekel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- deugniet
- mannetje van de hond, de vos, de wolf en de das
zelfstandig naamwoord — masculine
- ondeugende jongen pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rekels | meervoud |
| rekeltje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rekeltjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Nederduits, in de betekenis van ‘deugniet’ voor het eerst aangetroffen in 1552
Woordfamilie van rekel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rekels | meervoud | rekel |
| rekeltje | verkleinwoord | rekel |
| rekeltjes | verkleinwoord meervoud | rekel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rekel zijn vastgelegd.