profileren
werkwoordBetekenis
- zich ~: op een geplande manier bekend maken
Vervoeging van profileren
profilerenhele werkwoord — profileerdeverleden tijd enkelvoud — profileerdenverleden tijd meervoud — geprofileerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | profileer | profileerde |
| jij | profileert | profileerde |
| hij, zij, het | profileert | profileerde |
| wij | profileren | profileerden |
| jullie | profileren | profileerden |
| zij | profileren | profileerden |
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is geprofileerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geprofileerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geprofileerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geprofileerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geprofileerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geprofileerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geprofileerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geprofileerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geprofileerd | verleden tijd, deelwoord |
| geprofileerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geprofileerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geprofileerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geprofileerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geprofileerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geprofileerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geprofileerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geprofileerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geprofileerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geprofileerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geprofileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geprofileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geprofileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geprofileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geprofileerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| profileer | gebiedende wijs |
| profileer me | eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| profileer u/je , profileert je | gebiedende wijs |
| profileerde | verleden tijd |
| profileerde je | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| profileerde me | eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| profileerde u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| profileerde u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| profileerde zich | derde persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| profileerde zich/u | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| profileerde zich/u | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| profileerden je | tweede persoon, verleden tijd, meervoud |
| profileerden ons | eerste persoon, verleden tijd, meervoud |
| profileerden zich | derde persoon, verleden tijd, meervoud |
| profileert je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| profileert u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| profileert u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| profileert zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud |
| profileert zich/u | tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud |
| profileert zich/u | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| profilere | aanvoegende wijs |
| profilere zich | aanvoegende wijs |
| profileren je | tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| profileren ons | eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| profileren zich | derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud |
| profilerend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben geprofileerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te profileren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen profileren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geprofileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geprofileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geprofileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geprofileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geprofileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geprofileerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geprofileerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geprofileerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal me profileren | eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal profileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal profileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal profileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal zich profileren | derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zal, zult je profileren | tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud |
| zich geprofileerd hebben | verleden tijd |
| zich profilerend | onvoltooid, deelwoord |
| zijn geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geprofileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geprofileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geprofileerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt profileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geprofileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geprofileerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse profiler (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van profileren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geprofileerd | voltooid deelwoord | profileren |
| geprofileerde | woordvorm | profileren |
| profileer | gebiedende wijs | profileren |
| profileerde | verleden tijd | profileren |
| profileerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | profileren |
| profileert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | profileren |
| profilere | aanvoegende wijs | profileren |
| profilerend | onvoltooid deelwoord | profileren |
| profilerende | woordvorm | profileren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van profileren zijn vastgelegd.