Naar de inhoud

pikeren

met kleine steekjes doornaaien

pikeren

werkwoord

Betekenis

  1. met kleine steekjes doornaaien
  2. aanstrepen
  3. ergeren, prikkelen, irriteren
  4. vlees inrijgen met reepjes spek, truffel, ham enzovoort, larderen
  5. inprikken van een deeglaag om blazen te voorkomen

Vervoeging van pikeren

pikerenhele werkwoord — pikeerdeverleden tijd enkelvoud — pikeerdenverleden tijd meervoud — gepikeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik pikeer pikeerde
jij pikeert pikeerde
hij, zij, het pikeert pikeerde
wij pikeren pikeerden
jullie pikeren pikeerden
zij pikeren pikeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gepikeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gepikeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gepikeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gepikeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gepikeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gepikeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gepikeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gepikeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gepikeerd verleden tijd, deelwoord
gepikeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepikeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gepikeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepikeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepikeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepikeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepikeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gepikeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepikeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gepikeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepikeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepikeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepikeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepikeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepikeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
pikeer gebiedende wijs
pikeerde verleden tijd
pikere aanvoegende wijs
pikerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gepikeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te pikeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen pikeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepikeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gepikeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gepikeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gepikeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gepikeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gepikeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gepikeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepikeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gepikeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt pikeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen pikeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepikeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepikeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gepikeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult pikeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘irriteren’ voor het eerst aangetroffen in 1631

Woordfamilie van pikeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepikeerd voltooid deelwoord pikeren
pikeer gebiedende wijs pikeren
pikeerde verleden tijd pikeren
pikeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon pikeren
pikeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon pikeren
pikere aanvoegende wijs pikeren
pikerend onvoltooid deelwoord pikeren
pikerende woordvorm pikeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pikeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over pikeren

Wat is de betekenis van pikeren?
Pikeren is een werkwoord. De betekenis is: met kleine steekjes doornaaien. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik pikeren?
Zo vervoeg je pikeren zo: de tegenwoordige tijd is pikeer, de verleden tijd is pikeerde en het voltooid deelwoord is gepikeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord pikeren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. I 1
  3. K 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

pikeren levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. I 2
  3. K 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

pikeren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

pikeren in het kort

pikeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van pikeren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort pikeren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

pikeren: met kleine steekjes doornaaien
Deel pikeren — standaardnederlands.nl