palmen
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- met de palm omvatten (en naar zich toe halen)
Vervoeging van palmen
palmenhele werkwoord — palmdeverleden tijd enkelvoud — palmdenverleden tijd meervoud — gepalmdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | palm | palmde |
| jij | palmt | palmde |
| hij, zij, het | palmt | palmde |
| wij | palmen | palmden |
| jullie | palmen | palmden |
| zij | palmen | palmden |
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ev. | gebiedende wijs |
| gepalmd | verleden tijd, deelwoord |
| gepalmd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gepalmd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gepalmd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gepalmd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gepalmd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gepalmd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gepalmd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gepalmd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gepalmd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepalmd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gepalmd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| palm | gebiedende wijs |
| palmde | verleden tijd |
| palme | aanvoegende wijs |
| palmend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gepalmd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te palmen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen palmen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gepalmd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt palmen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen palmen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gepalmd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult palmen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord palm
Herkomst
afgeleid van palm met het achtervoegsel -en
Woordfamilie van palmen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gepalmd | voltooid deelwoord | palmen |
| palmde | verleden tijd | palmen |
| palmden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | palmen |
| palme | aanvoegende wijs | palmen |
| palmend | onvoltooid deelwoord | palmen |
| palmende | woordvorm | palmen |
| palmt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | palmen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van palmen zijn vastgelegd.