Naar de inhoud

overstelpen

overladen met allerlei zaken

overstelpen

werkwoord

Betekenis

  1. overladen met allerlei zaken

Vervoeging van overstelpen

overstelpenhele werkwoord — overstelpteverleden tijd enkelvoud — overstelptenverleden tijd meervoud — overstelptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik overstelp overstelpte
jij overstelpt overstelpte
hij, zij, het overstelpt overstelpte
wij overstelpen overstelpten
jullie overstelpen overstelpten
zij overstelpen overstelpten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is overstelpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was overstelpt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd overstelpt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt overstelpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal overstelpt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal overstelpt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou overstelpt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou overstelpt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had overstelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had overstelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden overstelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden overstelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overstelpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
overstelp gebiedende wijs
overstelpe aanvoegende wijs
overstelpend onvoltooid, deelwoord
overstelpt verleden tijd, deelwoord
overstelpt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overstelpt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overstelpt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overstelpt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
overstelpt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overstelpt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overstelpt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overstelpt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overstelpt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
overstelpt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overstelpte verleden tijd
te hebben overstelpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te overstelpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen overstelpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overstelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overstelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was overstelpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was overstelpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was overstelpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt overstelpt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt overstelpt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt overstelpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt overstelpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overstelpt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen overstelpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult overstelpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult overstelpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overstelpt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overstelpt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘onder de massa bedelven’ voor het eerst aangetroffen in 1637

Woordfamilie van overstelpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
overstelp gebiedende wijs overstelpen
overstelpe aanvoegende wijs overstelpen
overstelpend onvoltooid deelwoord overstelpen
overstelpende woordvorm overstelpen
overstelpt voltooid deelwoord overstelpen
overstelpte verleden tijd overstelpen
overstelpten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon overstelpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overstelpen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over overstelpen

Wat betekent overstelpen?
Overstelpen is een werkwoord. Het woord betekent: overladen met allerlei zaken.
Hoe vervoeg je overstelpen?
Je vervoegt overstelpen als volgt: de tegenwoordige tijd is overstelp, de verleden tijd is overstelpte en het voltooid deelwoord is overstelpt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord overstelpen is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. L 3
  9. P 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

overstelpen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. T 2
  7. E 1
  8. L 3
  9. P 4
  10. E 1
  11. N 1
  12. 22 zonder bonus
  13. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

overstelpen in het kort

overstelpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van overstelpen zijn 74 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort overstelpen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

overstelpen: overladen met allerlei zaken
Deel overstelpen — standaardnederlands.nl