Naar de inhoud

opzwellen

in volume toenemen

opzwellen

werkwoord /'ɔpsʋɛlə(n)/

Betekenis

  1. in volume toenemen

Hoe spreek je opzwellen uit?

/ˈɔpswɛlən/

Opzwellen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈɔpswɛlən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɔ bot
p pak
s sok
w quiz
ɛ bed
l land
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van opzwellen

opzwellenhele werkwoord — zwol opverleden tijd enkelvoud — zwollen opverleden tijd meervoud — opgezwollenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zwel op zwol op
jij zwelt op zwol op
hij, zij, het zwelt op zwol op
wij zwellen op zwollen op
jullie zwellen op zwollen op
zij zwellen op zwollen op
Alle 119 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is opgezwollen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was opgezwollen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd opgezwollen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt opgezwollen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal opgezwollen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal opgezwollen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou opgezwollen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou opgezwollen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
is opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
op te zullen zwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
op te zwellen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
op zal zwellen bijzin, toekomende tijd
op zou zwellen bijzin, voorwaardelijk
op zouden zwellen bijzin, voorwaardelijk
op zoudt zwellen bijzin, voorwaardelijk
op zullen zwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
op zullen zwellen bijzin, toekomende tijd
op zult zwellen bijzin, toekomende tijd
opgezwollen verleden tijd, deelwoord
opgezwollen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
opgezwollen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
opgezwollen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgezwollen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgezwollen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgezwollen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
opgezwollen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
opgezwollen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
opgezwollen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opgezwollen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opzwel bijzin, tegenwoordige tijd
opzwellend onvoltooid, deelwoord
opzwelt bijzin, tegenwoordige tijd
opzwol bijzin, verleden tijd
opzwollen bijzin, verleden tijd
opzwolt bijzin, verleden tijd
te zijn opgezwollen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen opzwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart opgezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgezwollen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren opgezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgezwollen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was opgezwollen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was opgezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was opgezwollen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt opgezwollen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal opzwellen bijzin, toekomende tijd
zijn opgezwollen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt opgezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou opzwellen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) opzwellen op zou(dt) zwellen bijzin, voorwaardelijk
zouden opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden opzwellen bijzin, voorwaardelijk
zoudt opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opgezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt opzwellen bijzin, voorwaardelijk
zullen opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opzwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen opzwellen bijzin, toekomende tijd
zult opgezwollen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult opgezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult opzwellen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult opzwellen bijzin, toekomende tijd
zult/zal opzwellen op zult/zal zwellen bijzin, toekomende tijd
zwel op gebiedende wijs
zwol op verleden tijd

Herkomst

samenstelling van op bw en zwellen ww

Woordfamilie van opzwellen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
opgezwollen voltooid deelwoord opzwellen
opzwel subordinate-clause, tegenwoordige tijd opzwellen
opzwelle with-subordinate-clause opzwellen
opzwellend onvoltooid deelwoord opzwellen
opzwellende woordvorm opzwellen
opzwelt subordinate-clause, tegenwoordige tijd opzwellen
opzwol subordinate-clause, verleden tijd opzwellen
opzwollen subordinate-clause, verleden tijd opzwellen
zwel op gebiedende wijs opzwellen
zwelle op woordvorm opzwellen
zwellen op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon opzwellen
zwelt op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon opzwellen
zwol op verleden tijd opzwellen
zwollen op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon opzwellen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opzwellen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over opzwellen

Hoe spreek ik opzwellen uit?
Zo spreek je opzwellen uit: /'ɔpsʋɛlə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van opzwellen?
Opzwellen is een werkwoord. De betekenis is: in volume toenemen.
Hoe vervoeg ik opzwellen?
Zo vervoeg je opzwellen zo: het voltooid deelwoord is opgezwollen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord opzwellen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. P 3
  3. Z 4
  4. W 5
  5. E 1
  6. L 3
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

opzwellen levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 102 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. P 4
  3. Z 5
  4. W 5
  5. E 1
  6. L 3
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 24 zonder bonus
  11. 102 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

opzwellen in het kort

opzwellen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van opzwellen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort opzwellen bij een woordfamilie van 14 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

opzwellen: in volume toenemen
Deel opzwellen — standaardnederlands.nl