Naar de inhoud

opvaren

een rivier stroomopwaarts bevaren

opvaren

werkwoord

Betekenis

  1. een rivier stroomopwaarts bevaren
  2. een groot water, bijvoorbeeld een zee of oceaan gaan bevaren

Vervoeging van opvaren

opvarenhele werkwoord — voer opverleden tijd enkelvoud — voeren opverleden tijd meervoud — opgevarenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vaar op voer op
jij vaart op voer op
hij, zij, het vaart op voer op
wij varen op voeren op
jullie varen op voeren op
zij varen op voeren op
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had opgevaren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had opgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had opgevaren voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden opgevaren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden opgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden opgevaren voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt opgevaren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben opgevaren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft opgevaren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
op te varen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
op te zullen varen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
op zal varen bijzin, toekomende tijd
op zou varen bijzin, voorwaardelijk
op zouden varen bijzin, voorwaardelijk
op zoudt varen bijzin, voorwaardelijk
op zullen varen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
op zullen varen bijzin, toekomende tijd
op zult varen bijzin, toekomende tijd
opgevaren verleden tijd, deelwoord
opgevaren te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgevaren zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opvaar bijzin, tegenwoordige tijd
opvaart bijzin, tegenwoordige tijd
opvarend onvoltooid, deelwoord
opvoer bijzin, verleden tijd
opvoeren bijzin, verleden tijd
te hebben opgevaren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen opvaren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vaar op gebiedende wijs
voer op verleden tijd
zal opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal opvaren bijzin, toekomende tijd
zou opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou opvaren bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) opvaren op zou(dt) varen bijzin, voorwaardelijk
zouden opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden opvaren bijzin, voorwaardelijk
zoudt opgevaren hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt opvaren bijzin, voorwaardelijk
zullen opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opvaren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen opvaren bijzin, toekomende tijd
zult opgevaren hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult opvaren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult opvaren bijzin, toekomende tijd
zult/zal opvaren op zult/zal varen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van op en varen

Woordfamilie van opvaren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
opgevaren voltooid deelwoord opvaren
opvaar subordinate-clause, tegenwoordige tijd opvaren
opvaart subordinate-clause, tegenwoordige tijd opvaren
opvare with-subordinate-clause opvaren
opvarend onvoltooid deelwoord opvaren
vaar op gebiedende wijs opvaren
vaart op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon opvaren
vare op woordvorm opvaren
varen op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon opvaren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opvaren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over opvaren

Wat betekent opvaren?
Opvaren is een werkwoord. Het woord betekent: een rivier stroomopwaarts bevaren. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je opvaren?
Je vervoegt opvaren als volgt: het voltooid deelwoord is opgevaren. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord opvaren is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. P 3
  3. V 4
  4. A 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

opvaren levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. P 4
  3. V 4
  4. A 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

opvaren telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

opvaren in het kort

opvaren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van opvaren zijn 45 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort opvaren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

opvaren: een rivier stroomopwaarts bevaren
Deel opvaren — standaardnederlands.nl