Naar de inhoud

opleven

weer tot bloei komen

opleven

werkwoord

Betekenis

  1. weer tot bloei komen

Vervoeging van opleven

oplevenhele werkwoord — leefde opverleden tijd enkelvoud — leefden opverleden tijd meervoud — opgeleefdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik leef op leefde op
jij leeft op leefde op
hij, zij, het leeft op leefde op
wij leven op leefden op
jullie leven op leefden op
zij leven op leefden op
Alle 75 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
is opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
leef op gebiedende wijs
leefde op verleden tijd
op te leven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
op te zullen leven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
op zal leven bijzin, toekomende tijd
op zou leven bijzin, voorwaardelijk
op zouden leven bijzin, voorwaardelijk
op zoudt leven bijzin, voorwaardelijk
op zullen leven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
op zullen leven bijzin, toekomende tijd
op zult leven bijzin, toekomende tijd
opgeleefd verleden tijd, deelwoord
opgeleefd te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgeleefd zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opleef bijzin, tegenwoordige tijd
opleefde bijzin, verleden tijd
opleefden bijzin, verleden tijd
opleeft bijzin, tegenwoordige tijd
oplevend onvoltooid, deelwoord
te zijn opgeleefd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen opleven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart opgeleefd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgeleefd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren opgeleefd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgeleefd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was opgeleefd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was opgeleefd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was opgeleefd voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal opleven bijzin, toekomende tijd
zijn opgeleefd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt opgeleefd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou opleven bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) opleven op zou(dt) leven bijzin, voorwaardelijk
zouden opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden opleven bijzin, voorwaardelijk
zoudt opgeleefd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt opleven bijzin, voorwaardelijk
zullen opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opleven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen opleven bijzin, toekomende tijd
zult opgeleefd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult opleven aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult opleven bijzin, toekomende tijd
zult/zal opleven op zult/zal leven bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van op bw en leven ww

Woordfamilie van opleven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
leef op gebiedende wijs opleven
leefde op verleden tijd opleven
leefden op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon opleven
leeft op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon opleven
leve op woordvorm opleven
leven op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon opleven
opgeleefd voltooid deelwoord opleven
opleef subordinate-clause, tegenwoordige tijd opleven
opleefde subordinate-clause, verleden tijd opleven
opleefden subordinate-clause, verleden tijd opleven
opleeft subordinate-clause, tegenwoordige tijd opleven
opleve with-subordinate-clause opleven
oplevend onvoltooid deelwoord opleven
oplevende woordvorm opleven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opleven zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over opleven

Wat betekent opleven?
Opleven is een werkwoord. Het woord betekent: weer tot bloei komen.
Hoe vervoeg je opleven?
Je vervoegt opleven als volgt: het voltooid deelwoord is opgeleefd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord opleven is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. P 3
  3. L 3
  4. E 1
  5. V 4
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

opleven levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 109 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. P 4
  3. L 3
  4. E 1
  5. V 4
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 zonder bonus
  9. 109 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

opleven telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

opleven in het kort

opleven staat in dit woordenboek als werkwoord. Van opleven zijn 46 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort opleven bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

opleven: weer tot bloei komen
Deel opleven — standaardnederlands.nl