Naar de inhoud

opkuisen

drastisch opschonen.

opkuisen

werkwoord

Betekenis

  1. drastisch opschonen.
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van opkuisen

opkuisenhele werkwoord — kuiste opverleden tijd enkelvoud — kuisten opverleden tijd meervoud — opgekuistvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kuis op kuiste op
jij kuist op kuiste op
hij, zij, het kuist op kuiste op
wij kuisen op kuisten op
jullie kuisen op kuisten op
zij kuisen op kuisten op
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is opgekuist impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was opgekuist impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd opgekuist impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt opgekuist impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal opgekuist worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal opgekuist zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou opgekuist worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou opgekuist zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had opgekuist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had opgekuist voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden opgekuist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden opgekuist voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben opgekuist actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kuis op gebiedende wijs
kuiste op verleden tijd
op te kuisen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
op te zullen kuisen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
op zal kuisen bijzin, toekomende tijd
op zou kuisen bijzin, voorwaardelijk
op zouden kuisen bijzin, voorwaardelijk
op zoudt kuisen bijzin, voorwaardelijk
op zullen kuisen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
op zullen kuisen bijzin, toekomende tijd
op zult kuisen bijzin, toekomende tijd
opgekuist verleden tijd, deelwoord
opgekuist te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
opgekuist te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
opgekuist te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgekuist te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgekuist te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
opgekuist worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
opgekuist zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
opgekuist zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opgekuist zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
opgekuist zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
opkuis bijzin, tegenwoordige tijd
opkuisend onvoltooid, deelwoord
opkuist bijzin, tegenwoordige tijd
opkuiste bijzin, verleden tijd
opkuisten bijzin, verleden tijd
te hebben opgekuist actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen opkuisen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgekuist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren opgekuist voltooid, verleden tijd, derde persoon
was opgekuist voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was opgekuist voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was opgekuist voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt opgekuist enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt opgekuist enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal opgekuist zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal opgekuist zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal opkuisen bijzin, toekomende tijd
zijn opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt opgekuist voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou opkuisen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) opkuisen op zou(dt) kuisen bijzin, voorwaardelijk
zouden opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden opkuisen bijzin, voorwaardelijk
zoudt opgekuist hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opgekuist zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt opkuisen bijzin, voorwaardelijk
zullen opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opgekuist worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opgekuist zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen opgekuist zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen opgekuist zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen opkuisen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen opkuisen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen opkuisen bijzin, toekomende tijd
zult opgekuist hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van op bw en kuisen ww

Woordfamilie van opkuisen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
kuis op gebiedende wijs opkuisen
kuise op woordvorm opkuisen
kuisen op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon opkuisen
kuist op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon opkuisen
kuiste op verleden tijd opkuisen
kuisten op aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon opkuisen
opgekuist voltooid deelwoord opkuisen
opgekuiste woordvorm opkuisen
opkuis subordinate-clause, tegenwoordige tijd opkuisen
opkuise with-subordinate-clause opkuisen
opkuisend onvoltooid deelwoord opkuisen
opkuisende woordvorm opkuisen
opkuist subordinate-clause, tegenwoordige tijd opkuisen
opkuiste subordinate-clause, verleden tijd opkuisen
opkuisten subordinate-clause, verleden tijd opkuisen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van opkuisen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over opkuisen

Wat betekent opkuisen?
Opkuisen is een werkwoord. Het woord betekent: drastisch opschonen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je opkuisen?
Je vervoegt opkuisen als volgt: het voltooid deelwoord is opgekuist. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord opkuisen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. P 3
  3. K 3
  4. U 4
  5. I 1
  6. S 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

opkuisen levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. P 4
  3. K 3
  4. U 2
  5. I 2
  6. S 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 zonder bonus
  10. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

opkuisen in het kort

opkuisen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van opkuisen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort opkuisen bij een woordfamilie van 15 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

opkuisen: drastisch opschonen.
Deel opkuisen — standaardnederlands.nl