Naar de inhoud

ontsluieren

vanuit het verborgene zichtbaar maken

ontsluieren

werkwoord

Betekenis

  1. vanuit het verborgene zichtbaar maken
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van ontsluieren

ontsluierenhele werkwoord — ontsluierdeverleden tijd enkelvoud — ontsluierdenverleden tijd meervoud — ontsluierdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ontsluier ontsluierde
jij ontsluiert ontsluierde
hij, zij, het ontsluiert ontsluierde
wij ontsluieren ontsluierden
jullie ontsluieren ontsluierden
zij ontsluieren ontsluierden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is ontsluierd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was ontsluierd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd ontsluierd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt ontsluierd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal ontsluierd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal ontsluierd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou ontsluierd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou ontsluierd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had ontsluierd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ontsluierd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ontsluierd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ontsluierd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontsluierd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
ontsluier gebiedende wijs
ontsluierd verleden tijd, deelwoord
ontsluierd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontsluierd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontsluierd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontsluierd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontsluierd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontsluierd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontsluierd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontsluierd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontsluierd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontsluierd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontsluierde verleden tijd
ontsluiere aanvoegende wijs
ontsluierend onvoltooid, deelwoord
te hebben ontsluierd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ontsluieren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ontsluieren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontsluierd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontsluierd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was ontsluierd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was ontsluierd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was ontsluierd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt ontsluierd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt ontsluierd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt ontsluierd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontsluierd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontsluieren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult ontsluierd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontsluierd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontsluierd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontsluieren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van sluieren met het voorvoegsel ont-

Woordfamilie van ontsluieren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
ontsluier gebiedende wijs ontsluieren
ontsluierd voltooid deelwoord ontsluieren
ontsluierde verleden tijd ontsluieren
ontsluierden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ontsluieren
ontsluiere aanvoegende wijs ontsluieren
ontsluierend onvoltooid deelwoord ontsluieren
ontsluierende woordvorm ontsluieren
ontsluiert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon ontsluieren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontsluieren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ontsluieren

Wat is de betekenis van ontsluieren?
Ontsluieren is een werkwoord. De betekenis is: vanuit het verborgene zichtbaar maken. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik ontsluieren?
Zo vervoeg je ontsluieren zo: de tegenwoordige tijd is ontsluier, de verleden tijd is ontsluierde en het voltooid deelwoord is ontsluierd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ontsluieren is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. S 2
  5. L 3
  6. U 4
  7. I 1
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ontsluieren levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. S 2
  5. L 3
  6. U 2
  7. I 2
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 18 zonder bonus
  13. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ontsluieren in het kort

ontsluieren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van ontsluieren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort ontsluieren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

ontsluieren: vanuit het verborgene zichtbaar maken
Deel ontsluieren — standaardnederlands.nl