Naar de inhoud

ontmantelen

een geheel dusdanig in delen uiteennemen dat het niet meer als geheel functioneert

ontmantelen

werkwoord

Betekenis

  1. een geheel dusdanig in delen uiteennemen dat het niet meer als geheel functioneert

Vervoeging van ontmantelen

ontmantelenhele werkwoord — ontmanteldeverleden tijd enkelvoud — ontmanteldenverleden tijd meervoud — ontmanteldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ontmantel ontmantelde
jij ontmantelt ontmantelde
hij, zij, het ontmantelt ontmantelde
wij ontmantelen ontmantelden
jullie ontmantelen ontmantelden
zij ontmantelen ontmantelden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is ontmanteld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was ontmanteld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd ontmanteld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt ontmanteld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal ontmanteld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal ontmanteld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou ontmanteld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou ontmanteld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had ontmanteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ontmanteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ontmanteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ontmanteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontmanteld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
ontmantel gebiedende wijs
ontmanteld verleden tijd, deelwoord
ontmanteld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontmanteld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontmanteld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontmanteld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontmanteld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontmanteld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontmanteld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontmanteld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontmanteld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontmanteld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontmantelde verleden tijd
ontmantele aanvoegende wijs
ontmantelend onvoltooid, deelwoord
te hebben ontmanteld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ontmantelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ontmantelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontmanteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontmanteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was ontmanteld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was ontmanteld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was ontmanteld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt ontmanteld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt ontmanteld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt ontmanteld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontmanteld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontmantelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult ontmanteld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontmanteld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontmanteld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontmantelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van mantel met het voorvoegsel ont- en met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van ontmantelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
ontmantel gebiedende wijs ontmantelen
ontmanteld voltooid deelwoord ontmantelen
ontmantelde verleden tijd ontmantelen
ontmantelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ontmantelen
ontmantele aanvoegende wijs ontmantelen
ontmantelend onvoltooid deelwoord ontmantelen
ontmantelende woordvorm ontmantelen
ontmantelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon ontmantelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontmantelen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over ontmantelen

Wat betekent ontmantelen?
Ontmantelen is een werkwoord. Het woord betekent: een geheel dusdanig in delen uiteennemen dat het niet meer als geheel functioneert.
Hoe vervoeg je ontmantelen?
Je vervoegt ontmantelen als volgt: de tegenwoordige tijd is ontmantel, de verleden tijd is ontmantelde en het voltooid deelwoord is ontmanteld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ontmantelen is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. M 3
  5. A 1
  6. N 1
  7. T 2
  8. E 1
  9. L 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ontmantelen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. M 3
  5. A 1
  6. N 1
  7. T 2
  8. E 1
  9. L 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 zonder bonus
  13. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ontmantelen in het kort

ontmantelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van ontmantelen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort ontmantelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

ontmantelen: een geheel dusdanig in delen uiteennemen dat het niet meer als geheel functioneert
Deel ontmantelen — standaardnederlands.nl