Naar de inhoud

omhullen

rondom met een laag bedekken

omhullen

werkwoord

Betekenis

  1. rondom met een laag bedekken
  2. zich ~: zichzelf rondom bedekken

Vervoeging van omhullen

omhullenhele werkwoord — omhuldeverleden tijd enkelvoud — omhuldenverleden tijd meervoud — omhuldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik omhul omhulde
jij omhult omhulde
hij, zij, het omhult omhulde
wij omhullen omhulden
jullie omhullen omhulden
zij omhullen omhulden
Alle 160 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is omhuld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was omhuld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd omhuld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt omhuld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal omhuld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal omhuld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou omhuld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou omhuld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had omhuld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had omhuld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden omhuld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden omhuld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhuld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
omhul gebiedende wijs
omhul me eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
omhul u/je , omhult je gebiedende wijs
omhuld verleden tijd, deelwoord
omhuld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhuld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhuld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhuld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhuld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhuld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
omhuld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
omhuld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhuld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhuld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhulde verleden tijd
omhulde je tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
omhulde me eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud
omhulde u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
omhulde u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
omhulde zich derde persoon, verleden tijd, enkelvoud
omhulde zich/u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
omhulde zich/u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
omhulden je tweede persoon, verleden tijd, meervoud
omhulden ons eerste persoon, verleden tijd, meervoud
omhulden zich derde persoon, verleden tijd, meervoud
omhulle aanvoegende wijs
omhulle zich aanvoegende wijs
omhullen je tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
omhullen ons eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
omhullen zich derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
omhullend onvoltooid, deelwoord
omhult je tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
omhult u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
omhult u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
omhult zich derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
omhult zich/u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
omhult zich/u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
te hebben omhuld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te omhullen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen omhullen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren omhuld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren omhuld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was omhuld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was omhuld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was omhuld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt omhuld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt omhuld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal me omhullen eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal omhuld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhuld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal omhullen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal omhullen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal omhullen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal zich omhullen derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je omhullen tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich omhuld hebben verleden tijd
zich omhullend onvoltooid, deelwoord
zijn omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt omhuld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt omhuld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhuld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhuld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhullen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen je omhullen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen omhuld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon

Herkomst

samenstelling van om en hullen

Woordfamilie van omhullen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
omhul gebiedende wijs omhullen
omhuld voltooid deelwoord omhullen
omhulde verleden tijd omhullen
omhulden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon omhullen
omhulle aanvoegende wijs omhullen
omhullend onvoltooid deelwoord omhullen
omhullende woordvorm omhullen
omhult aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon omhullen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omhullen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over omhullen

Wat betekent omhullen?
Omhullen is een werkwoord. Het woord betekent: rondom met een laag bedekken. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je omhullen?
Je vervoegt omhullen als volgt: de tegenwoordige tijd is omhul, de verleden tijd is omhulde en het voltooid deelwoord is omhuld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord omhullen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. U 4
  5. L 3
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

omhullen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. U 2
  5. L 3
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 zonder bonus
  10. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

omhullen in het kort

omhullen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van omhullen zijn 103 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort omhullen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

omhullen: rondom met een laag bedekken
Deel omhullen — standaardnederlands.nl