Naar de inhoud

occuperen

zich bezighouden

occuperen

werkwoord

Betekenis

  1. zich bezighouden
  2. optreden
  3. bezetten, bezit nemen van

Vervoeging van occuperen

occuperenhele werkwoord — occupeerdeverleden tijd enkelvoud — occupeerdenverleden tijd meervoud — geoccupeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik occupeer occupeerde
jij occupeert occupeerde
hij, zij, het occupeert occupeerde
wij occuperen occupeerden
jullie occuperen occupeerden
zij occuperen occupeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geoccupeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geoccupeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geoccupeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geoccupeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geoccupeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geoccupeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geoccupeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geoccupeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geoccupeerd verleden tijd, deelwoord
geoccupeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geoccupeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geoccupeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geoccupeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geoccupeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geoccupeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geoccupeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geoccupeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geoccupeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geoccupeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geoccupeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geoccupeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geoccupeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geoccupeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geoccupeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
occupeer gebiedende wijs
occupeerde verleden tijd
occupere aanvoegende wijs
occuperend onvoltooid, deelwoord
te hebben geoccupeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te occuperen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen occuperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geoccupeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geoccupeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geoccupeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geoccupeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geoccupeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geoccupeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geoccupeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geoccupeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geoccupeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt occuperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen occuperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geoccupeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geoccupeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geoccupeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult occuperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘zich bezighouden’ voor het eerst aangetroffen in 1520

Woordfamilie van occuperen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geoccupeerd voltooid deelwoord occuperen
occupeer gebiedende wijs occuperen
occupeerde verleden tijd occuperen
occupeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon occuperen
occupeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon occuperen
occupere aanvoegende wijs occuperen
occuperend onvoltooid deelwoord occuperen
occuperende woordvorm occuperen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van occuperen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over occuperen

Wat betekent occuperen?
Occuperen is een werkwoord. Het woord betekent: zich bezighouden. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je occuperen?
Je vervoegt occuperen als volgt: de tegenwoordige tijd is occupeer, de verleden tijd is occupeerde en het voltooid deelwoord is geoccupeerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord occuperen is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. C 5
  3. C 5
  4. U 4
  5. P 3
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

occuperen levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. C 5
  3. C 5
  4. U 2
  5. P 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 zonder bonus
  11. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

occuperen in het kort

occuperen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van occuperen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort occuperen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

occuperen: zich bezighouden
Deel occuperen — standaardnederlands.nl