nader
bijvoeglijk naamwoord, bijwoord, werkwoord /ˈnaːdər/Betekenis
- vanaf geringere afstand of in groter detail uitgevoerd
- naderen
- erg, zeer
Hoe spreek je nader uit?
/ˈnadər/
Nader bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| n | nek |
| a | maan |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| nadere | verbogen, vergrotende trap |
| naders | partitief, vergrotende trap |
bijwoord
- dichterbij
Woordvorm
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van na
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van naderen
- gebiedende wijs van naderen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van naderen
Vervoeging van nader
naderhele werkwoord
Herkomst
Zelfstandig geworden vergrotende trap van na