meerboei
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een drijver waaraan boten kunnen afmeren
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| meerboeien | meervoud |
| meerboeitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| meerboeitjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van meer en boei
Woordfamilie van meerboei
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| meerboeien | meervoud | meerboei |
| meerboeitje | verkleinwoord | meerboei |
| meerboeitjes | verkleinwoord meervoud | meerboei |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van meerboei zijn vastgelegd.