Naar de inhoud

meebieden

deelnemen aan een bieding

meebieden

werkwoord ˈmebidə(n)

Betekenis

  1. deelnemen aan een bieding
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Hoe spreek je meebieden uit?

/ˈmebidən/

Meebieden bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈmebidən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
m maan
e veel
b bak
i riet
d dak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van meebieden

meebiedenhele werkwoord — bood meeverleden tijd enkelvoud — boden meeverleden tijd meervoud — meegebodenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bied mee bood mee
jij biedt mee bood mee
hij, zij, het biedt mee bood mee
wij bieden mee boden mee
jullie bieden mee boden mee
zij bieden mee boden mee
Alle 83 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
bied mee gebiedende wijs
bood mee verleden tijd
er is meegeboden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was meegeboden impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd meegeboden impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt meegeboden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal meegeboden worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal meegeboden zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou meegeboden worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou meegeboden zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had meegeboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had meegeboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had meegeboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden meegeboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden meegeboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden meegeboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt meegeboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben meegeboden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft meegeboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
mee te bieden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
mee te zullen bieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
mee zal bieden bijzin, toekomende tijd
mee zou bieden bijzin, voorwaardelijk
mee zouden bieden bijzin, voorwaardelijk
mee zoudt bieden bijzin, voorwaardelijk
mee zullen bieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
mee zullen bieden bijzin, toekomende tijd
mee zult bieden bijzin, toekomende tijd
meebied bijzin, tegenwoordige tijd
meebiedend onvoltooid, deelwoord
meebiedt bijzin, tegenwoordige tijd
meeboden bijzin, verleden tijd
meebood bijzin, verleden tijd
meeboodt bijzin, verleden tijd
meegeboden verleden tijd, deelwoord
meegeboden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
meegeboden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
te hebben meegeboden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen meebieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal meebieden bijzin, toekomende tijd
zal meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou meebieden bijzin, voorwaardelijk
zou meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) meebieden mee zou(dt) bieden bijzin, voorwaardelijk
zouden meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden meebieden bijzin, voorwaardelijk
zouden meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt meebieden bijzin, voorwaardelijk
zoudt meegeboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen meebieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen meebieden bijzin, toekomende tijd
zullen meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult meebieden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult meebieden bijzin, toekomende tijd
zult meegeboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal meebieden mee zult/zal bieden bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van mee bw en bieden ww

Woordfamilie van meebieden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bied mee gebiedende wijs meebieden
biede mee woordvorm meebieden
bieden mee aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon meebieden
biedt mee aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon meebieden
boden mee aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon meebieden
bood mee verleden tijd meebieden
meebied subordinate-clause, tegenwoordige tijd meebieden
meebiede with-subordinate-clause meebieden
meebiedend onvoltooid deelwoord meebieden
meebiedende woordvorm meebieden
meebiedt subordinate-clause, tegenwoordige tijd meebieden
meeboden subordinate-clause, verleden tijd meebieden
meebood subordinate-clause, verleden tijd meebieden
meegeboden voltooid deelwoord meebieden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van meebieden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over meebieden

Hoe spreek ik meebieden uit?
Zo spreek je meebieden uit: /ˈmebidə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van meebieden?
Meebieden is een werkwoord. De betekenis is: deelnemen aan een bieding. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik meebieden?
Zo vervoeg je meebieden zo: het voltooid deelwoord is meegeboden. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord meebieden is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. E 1
  3. E 1
  4. B 3
  5. I 1
  6. E 1
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

meebieden levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. E 1
  3. E 1
  4. B 4
  5. I 2
  6. E 1
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 zonder bonus
  11. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

meebieden in het kort

meebieden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van meebieden staan er 55 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort meebieden bij een woordfamilie van 14 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

meebieden: deelnemen aan een bieding
Deel meebieden — standaardnederlands.nl