mededingen
werkwoordBetekenis
- samen met anderen naar iets dingen
Vervoeging van mededingen
mededingenhele werkwoord — dong medeverleden tijd enkelvoud — dongen medeverleden tijd meervoud — medegedongenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | ding mede | dong mede |
| jij | dingt mede | dong mede |
| hij, zij, het | dingt mede | dong mede |
| wij | dingen mede | dongen mede |
| jullie | dingen mede | dongen mede |
| zij | dingen mede | dongen mede |
Alle 75 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ding mede | gebiedende wijs |
| dong mede | verleden tijd |
| ev. | gebiedende wijs |
| had medegedongen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had medegedongen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had medegedongen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden medegedongen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden medegedongen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden medegedongen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt medegedongen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben medegedongen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft medegedongen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| mede te dingen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| mede te zullen dingen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| mede zal dingen | bijzin, toekomende tijd |
| mede zou dingen | bijzin, voorwaardelijk |
| mede zouden dingen | bijzin, voorwaardelijk |
| mede zoudt dingen | bijzin, voorwaardelijk |
| mede zullen dingen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| mede zullen dingen | bijzin, toekomende tijd |
| mede zult dingen | bijzin, toekomende tijd |
| mededing | bijzin, tegenwoordige tijd |
| mededingend | onvoltooid, deelwoord |
| mededingt | bijzin, tegenwoordige tijd |
| mededong | bijzin, verleden tijd |
| mededongen | bijzin, verleden tijd |
| medegedongen | verleden tijd, deelwoord |
| medegedongen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| medegedongen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| meedingen | |
| te hebben medegedongen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen mededingen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| zal mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal mededingen | bijzin, toekomende tijd |
| zal medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou mededingen | bijzin, voorwaardelijk |
| zou medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou(dt) mededingen mede zou(dt) dingen | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden mededingen | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt mededingen | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt medegedongen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen mededingen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen mededingen | bijzin, toekomende tijd |
| zullen medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult mededingen | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult mededingen | bijzin, toekomende tijd |
| zult medegedongen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult/zal mededingen mede zult/zal dingen | bijzin, toekomende tijd |
Herkomst
In de betekenis van ‘concurreren’ voor het eerst aangetroffen in 1836
Woordfamilie van mededingen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ding mede | gebiedende wijs | mededingen |
| dinge mede | woordvorm | mededingen |
| dingen mede | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | mededingen |
| dingt mede | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | mededingen |
| dong mede | verleden tijd | mededingen |
| dongen mede | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | mededingen |
| mededing | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | mededingen |
| mededinge | with-subordinate-clause | mededingen |
| mededingend | onvoltooid deelwoord | mededingen |
| mededingende | woordvorm | mededingen |
| mededingt | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | mededingen |
| mededong | subordinate-clause, verleden tijd | mededingen |
| mededongen | subordinate-clause, verleden tijd | mededingen |
| medegedongen | voltooid deelwoord | mededingen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van mededingen zijn vastgelegd.