maximaliseren
werkwoordBetekenis
- zo groot mogelijk maken
Vervoeging van maximaliseren
maximaliserenhele werkwoord — maximaliseerdeverleden tijd enkelvoud — maximaliseerdenverleden tijd meervoud — gemaximaliseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | maximaliseer | maximaliseerde |
| jij | maximaliseert | maximaliseerde |
| hij, zij, het | maximaliseert | maximaliseerde |
| wij | maximaliseren | maximaliseerden |
| jullie | maximaliseren | maximaliseerden |
| zij | maximaliseren | maximaliseerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gemaximaliseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gemaximaliseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gemaximaliseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gemaximaliseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gemaximaliseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gemaximaliseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gemaximaliseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gemaximaliseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gemaximaliseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gemaximaliseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gemaximaliseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gemaximaliseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gemaximaliseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gemaximaliseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gemaximaliseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gemaximaliseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gemaximaliseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gemaximaliseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gemaximaliseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gemaximaliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| maximaliseer | gebiedende wijs |
| maximaliseerde | verleden tijd |
| maximalisere | aanvoegende wijs |
| maximaliserend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gemaximaliseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te maximaliseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen maximaliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gemaximaliseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gemaximaliseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gemaximaliseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gemaximaliseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gemaximaliseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen maximaliseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gemaximaliseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gemaximaliseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gemaximaliseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult maximaliseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse maximaliser (met het achtervoegsel -iseren)
Woordfamilie van maximaliseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gemaximaliseerd | voltooid deelwoord | maximaliseren |
| gemaximaliseerde | woordvorm | maximaliseren |
| maximaliseer | gebiedende wijs | maximaliseren |
| maximaliseerde | verleden tijd | maximaliseren |
| maximaliseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | maximaliseren |
| maximaliseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | maximaliseren |
| maximalisere | aanvoegende wijs | maximaliseren |
| maximaliserend | onvoltooid deelwoord | maximaliseren |
| maximaliserende | woordvorm | maximaliseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van maximaliseren zijn vastgelegd.