loof
zelfstandig naamwoord, werkwoord /lo:f/Betekenis
- gebladerte
- weefsel van lagere cryptogamen, waarbij zich geen verdeling in wortel, stengel en blad voordoet
Hoe spreek je loof uit?
/lof/
Loof bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| l | land |
| o | boot |
| f | fiets |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (loveren) | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loven
- gebiedende wijs van loven
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van loven
Vervoeging van loof
loofhele werkwoord
Herkomst
In de betekenis van ‘gebladerte’ voor het eerst aangetroffen in 1287
Woordfamilie van loof
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| loveren | meervoud | loof |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van loof zijn vastgelegd.