Naar de inhoud

lonen

voordeel opleveren, een resultaat opleveren dat opweegt tegen de daarmee gemoeide kosten en inspanningen

lonen is meer dan één woord

lonen

werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈlonə(n)

Betekenis

  1. voordeel opleveren, een resultaat opleveren dat opweegt tegen de daarmee gemoeide kosten en inspanningen

Hoe spreek je lonen uit?

/ˈlonən/

Lonen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈlonən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
l land
o boot
n nek
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van lonen

lonenhele werkwoord — loondeverleden tijd enkelvoud — loondenverleden tijd meervoud — geloondvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik loon loonde
jij loont loonde
hij, zij, het loont loonde
wij lonen loonden
jullie lonen loonden
zij lonen loonden
Alle 127 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geloond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geloond impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geloond impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geloond impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geloond impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geloond worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geloond zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geloond worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geloond zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geloond verleden tijd, deelwoord
geloond te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geloond te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geloond te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geloond te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geloond te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geloond worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geloond zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geloond zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geloond zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geloond zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geloond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geloond voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geloond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geloond voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geloond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geloond actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geloond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geloond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geloond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geloond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
lone aanvoegende wijs
lonend onvoltooid, deelwoord
loon gebiedende wijs
loon verleden tijd
loonde verleden tijd, deelwoord
te hebben geloond actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te lonen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen lonen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geloond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geloond voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geloond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geloond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geloond voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geloond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geloond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geloond hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geloond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geloond hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geloond zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geloond zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geloond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geloond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geloond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geloond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geloond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geloond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt lonen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geloond hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geloond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geloond hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geloond zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geloond zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geloond zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen lonen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geloond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geloond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geloond zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult lonen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord loon

Herkomst

ww: van Middelnederlands lonen ww "belonen", in de betekenis van ‘opwegen tegen, vergelden’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1201

Woordfamilie van lonen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geloond voltooid deelwoord lonen
geloonde woordvorm lonen
lone aanvoegende wijs lonen
loonde voltooid deelwoord lonen
loonden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon lonen
loont aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon lonen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van lonen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over lonen

Hoe spreek ik lonen uit?
Zo spreek je lonen uit: /ˈlonə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van lonen?
Lonen is een werkwoord. De betekenis is: voordeel opleveren, een resultaat opleveren dat opweegt tegen de daarmee gemoeide kosten en inspanningen.
Hoe vervoeg ik lonen?
Zo vervoeg je lonen zo: de tegenwoordige tijd is loon, de verleden tijd is loonde en het voltooid deelwoord is geloond. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op lonen?

Er staan 30 woorden in dit woordenboek die op lonen rijmen, waaronder wonen, onttronen en regionen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op lonen, uitspraak ˈlonən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
wonen 2
onttronen 3
regionen 4
verschonen 3
augerelektronen 5
bonuszonen 4
canzonen 3
chylomicronen 5
consumptiepatronen 6
deshormonen 4
drukpatronen 4
eonen 3
exonen 3
flodderbonen 4
hormonen 3
intronen 3
ionen 2
kangoeroewonen 5
koffergrammofonen 6
kokosmakronen 5
korotkovtonen 5
meergeneratiewonen 7
onen 2
paternosterbonen 6
patronen 3
priesterzonen 4
protonen 3
tofelemonen 5
verwachtingspatronen 6
zonen 2

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord lonen is 7 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. O 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. 7 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

lonen levert met Wordfeud minimaal 7 en maximaal 39 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. O 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. 7 zonder bonus
  7. 39 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

lonen telt 5 letters, waarvan 4 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 6.487 woorden van 5 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

lonen in het kort

lonen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van lonen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort lonen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

lonen: voordeel opleveren, een resultaat opleveren dat opweegt tegen de daarmee gemoeide kosten en inspanningen
Deel lonen — standaardnederlands.nl