Naar de inhoud

legaliseren

de wet zodanig aanpassen dat iets niet langer een vergrijp is

legaliseren

werkwoord

Betekenis

  1. de wet zodanig aanpassen dat iets niet langer een vergrijp is
  2. het voor echt verklaren door een bevoegde autoriteit van verklaringen, handtekeningen etc., apostilleren

werkwoord

  1. een bepaalde situatie wettig onderbouwen

Vervoeging van legaliseren

legaliserenhele werkwoord — legaliseerdeverleden tijd enkelvoud — legaliseerdenverleden tijd meervoud — gelegaliseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik legaliseer legaliseerde
jij legaliseert legaliseerde
hij, zij, het legaliseert legaliseerde
wij legaliseren legaliseerden
jullie legaliseren legaliseerden
zij legaliseren legaliseerden
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
er is gelegaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gelegaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gelegaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gelegaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gelegaliseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gelegaliseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gelegaliseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gelegaliseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gelegaliseerd verleden tijd, deelwoord
gelegaliseerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelegaliseerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelegaliseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegaliseerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegaliseerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelegaliseerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelegaliseerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelegaliseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelegaliseerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelegaliseerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelegaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
legaliseer gebiedende wijs
legaliseerde verleden tijd
legalisere aanvoegende wijs
legaliserend onvoltooid, deelwoord
te hebben gelegaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te legaliseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen legaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gelegaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gelegaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gelegaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gelegaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gelegaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gelegaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gelegaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gelegaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gelegaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gelegaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelegaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelegaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gelegaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelegaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelegaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen legaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gelegaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult legaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘voor echt verklaren’ voor het eerst aangetroffen in 1818

Woordfamilie van legaliseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gelegaliseerd voltooid deelwoord legaliseren
gelegaliseerde woordvorm legaliseren
legaliseer gebiedende wijs legaliseren
legaliseerde verleden tijd legaliseren
legaliseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon legaliseren
legaliseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon legaliseren
legalisere aanvoegende wijs legaliseren
legaliserend onvoltooid deelwoord legaliseren
legaliserende woordvorm legaliseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van legaliseren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over legaliseren

Wat is de betekenis van legaliseren?
Legaliseren is een werkwoord. De betekenis is: de wet zodanig aanpassen dat iets niet langer een vergrijp is. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik legaliseren?
Zo vervoeg je legaliseren zo: de tegenwoordige tijd is legaliseer, de verleden tijd is legaliseerde en het voltooid deelwoord is gelegaliseerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord legaliseren is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. E 1
  3. G 3
  4. A 1
  5. L 3
  6. I 1
  7. S 2
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

legaliseren levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. E 1
  3. G 3
  4. A 1
  5. L 3
  6. I 2
  7. S 2
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 zonder bonus
  13. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

legaliseren in het kort

legaliseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van legaliseren staan er 65 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort legaliseren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

legaliseren: de wet zodanig aanpassen dat iets niet langer een vergrijp is
Deel legaliseren — standaardnederlands.nl