Naar de inhoud

laxeren

behandelen met laxeermiddelen

laxeren

werkwoord

Betekenis

  1. behandelen met laxeermiddelen

Vervoeging van laxeren

laxerenhele werkwoord — laxeerdeverleden tijd enkelvoud — laxeerdenverleden tijd meervoud — gelaxeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik laxeer laxeerde
jij laxeert laxeerde
hij, zij, het laxeert laxeerde
wij laxeren laxeerden
jullie laxeren laxeerden
zij laxeren laxeerden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gelaxeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gelaxeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gelaxeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gelaxeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gelaxeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gelaxeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gelaxeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gelaxeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gelaxeerd verleden tijd, deelwoord
gelaxeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelaxeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gelaxeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gelaxeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gelaxeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gelaxeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gelaxeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gelaxeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gelaxeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelaxeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelaxeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
laxeer gebiedende wijs
laxeerde verleden tijd
laxere aanvoegende wijs
laxerend onvoltooid, deelwoord
te hebben gelaxeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te laxeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen laxeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gelaxeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt laxeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen laxeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gelaxeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult laxeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘de stoelgang bevorderen’ voor het eerst aangetroffen in 1477

Woordfamilie van laxeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gelaxeerd voltooid deelwoord laxeren
gelaxeerde woordvorm laxeren
laxeer gebiedende wijs laxeren
laxeerde verleden tijd laxeren
laxeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon laxeren
laxeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon laxeren
laxere aanvoegende wijs laxeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van laxeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over laxeren

Wat is de betekenis van laxeren?
Laxeren is een werkwoord. De betekenis is: behandelen met laxeermiddelen.
Hoe vervoeg ik laxeren?
Zo vervoeg je laxeren zo: de tegenwoordige tijd is laxeer, de verleden tijd is laxeerde en het voltooid deelwoord is gelaxeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord laxeren is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. A 1
  3. X 8
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

laxeren levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 139 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. A 1
  3. X 8
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 17 zonder bonus
  9. 139 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (X) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

laxeren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

laxeren in het kort

laxeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van laxeren staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort laxeren bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

laxeren: behandelen met laxeermiddelen
Deel laxeren — standaardnederlands.nl