Naar de inhoud

labelen

voorzien van een label

labelen

werkwoord

Betekenis

  1. voorzien van een label

Vervoeging van labelen

labelenhele werkwoord — labeldeverleden tijd enkelvoud — labeldenverleden tijd meervoud — gelabeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik label labelde
jij labelt labelde
hij, zij, het labelt labelde
wij labelen labelden
jullie labelen labelden
zij labelen labelden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gelabeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gelabeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gelabeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gelabeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gelabeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gelabeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gelabeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gelabeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gelabeld verleden tijd, deelwoord
gelabeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelabeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gelabeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelabeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelabeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gelabeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelabeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gelabeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelabeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gelabeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gelabeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gelabeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gelabeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gelabeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelabeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
label gebiedende wijs
labelde verleden tijd
labele aanvoegende wijs
labelend onvoltooid, deelwoord
te hebben gelabeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te labelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen labelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gelabeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gelabeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gelabeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gelabeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gelabeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gelabeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gelabeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gelabeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gelabeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gelabeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt labelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen labelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gelabeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gelabeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gelabeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult labelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van labelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
labelde verleden tijd labelen
labelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon labelen
labele aanvoegende wijs labelen
labelend onvoltooid deelwoord labelen
labelende woordvorm labelen
labelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon labelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van labelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over labelen

Wat is de betekenis van labelen?
Labelen is een werkwoord. De betekenis is: voorzien van een label.
Hoe vervoeg ik labelen?
Zo vervoeg je labelen zo: de tegenwoordige tijd is label, de verleden tijd is labelde en het voltooid deelwoord is gelabeld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord labelen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. L 3
  2. A 1
  3. B 3
  4. E 1
  5. L 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

labelen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 106 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. L 3
  2. A 1
  3. B 4
  4. E 1
  5. L 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 zonder bonus
  9. 106 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

labelen telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

labelen in het kort

labelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van labelen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort labelen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

labelen: voorzien van een label
Deel labelen — standaardnederlands.nl