Naar de inhoud

klauteren

klimmen, zich verticaal verplaatsen met behulp van alle vier de ledematen

klauteren

werkwoord /ˈklʌʊtərə(n)/

Betekenis

  1. klimmen, zich verticaal verplaatsen met behulp van alle vier de ledematen

Hoe spreek je klauteren uit?

/ˈklʌutərən/

Klauteren bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈklʌutərən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
k kat
l land
ʌu koud
t tak
ə de
r rood
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van klauteren

klauterenhele werkwoord — klauterdeverleden tijd enkelvoud — klauterdenverleden tijd meervoud — geklauterdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik klauter klauterde
jij klautert klauterde
hij, zij, het klautert klauterde
wij klauteren klauterden
jullie klauteren klauterden
zij klauteren klauterden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
geklauterd verleden tijd, deelwoord
geklauterd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geklauterd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geklauterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geklauterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geklauterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geklauterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geklauterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geklauterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geklauterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geklauterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geklauterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
klauter gebiedende wijs
klauterde verleden tijd
klautere aanvoegende wijs
klauterend onvoltooid, deelwoord
te hebben geklauterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te klauteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen klauteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geklauterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt klauteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen klauteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geklauterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult klauteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘klimmen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1562

Woordfamilie van klauteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geklauterd voltooid deelwoord klauteren
klauter gebiedende wijs klauteren
klauterde verleden tijd klauteren
klauterden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon klauteren
klautere aanvoegende wijs klauteren
klauterend onvoltooid deelwoord klauteren
klauterende woordvorm klauteren
klautert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon klauteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van klauteren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over klauteren

Hoe spreek je klauteren uit?
De uitspraak van klauteren is: /ˈklʌʊtərə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent klauteren?
Klauteren is een werkwoord. Het woord betekent: klimmen, zich verticaal verplaatsen met behulp van alle vier de ledematen.
Hoe vervoeg je klauteren?
Je vervoegt klauteren als volgt: de tegenwoordige tijd is klauter, de verleden tijd is klauterde en het voltooid deelwoord is geklauterd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord klauteren is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. L 3
  3. A 1
  4. U 4
  5. T 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

klauteren levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. L 3
  3. A 1
  4. U 2
  5. T 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 zonder bonus
  11. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

klauteren in het kort

klauteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van klauteren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort klauteren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

klauteren: klimmen, zich verticaal verplaatsen met behulp van alle vier de ledematen
Deel klauteren — standaardnederlands.nl