kadastreren
werkwoordBetekenis
- een afbakening maken van de eigendomsrechten van grondbezit en deze in kaart brengen
Vervoeging van kadastreren
kadastrerenhele werkwoord — kadastreerdeverleden tijd enkelvoud — kadastreerdenverleden tijd meervoud — gekadastreerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | kadastreer | kadastreerde |
| jij | kadastreert | kadastreerde |
| hij, zij, het | kadastreert | kadastreerde |
| wij | kadastreren | kadastreerden |
| jullie | kadastreren | kadastreerden |
| zij | kadastreren | kadastreerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gekadastreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gekadastreerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gekadastreerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gekadastreerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gekadastreerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gekadastreerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gekadastreerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gekadastreerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gekadastreerd | verleden tijd, deelwoord |
| gekadastreerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekadastreerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gekadastreerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekadastreerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekadastreerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gekadastreerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekadastreerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gekadastreerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekadastreerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gekadastreerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gekadastreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| kadastreer | gebiedende wijs |
| kadastreerde | verleden tijd |
| kadastrere | aanvoegende wijs |
| kadastrerend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gekadastreerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te kadastreren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen kadastreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gekadastreerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gekadastreerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gekadastreerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gekadastreerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gekadastreerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen kadastreren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gekadastreerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gekadastreerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gekadastreerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult kadastreren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse cadastrer (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van kadastreren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gekadastreerd | voltooid deelwoord | kadastreren |
| gekadastreerde | woordvorm | kadastreren |
| kadastreer | gebiedende wijs | kadastreren |
| kadastreerde | verleden tijd | kadastreren |
| kadastreerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | kadastreren |
| kadastreert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | kadastreren |
| kadastrere | aanvoegende wijs | kadastreren |
| kadastrerend | onvoltooid deelwoord | kadastreren |
| kadastrerende | woordvorm | kadastreren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kadastreren zijn vastgelegd.