Naar de inhoud

herscholen

op latere leeftijd een opleiding in een ander vak doen volgen

herscholen

werkwoord

Betekenis

  1. op latere leeftijd een opleiding in een ander vak doen volgen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van herscholen

herscholenhele werkwoord — herschooldeverleden tijd enkelvoud — herschooldenverleden tijd meervoud — herschooldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik herschool herschoolde
jij herschoolt herschoolde
hij, zij, het herschoolt herschoolde
wij herscholen herschoolden
jullie herscholen herschoolden
zij herscholen herschoolden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is herschoold impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was herschoold impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd herschoold impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt herschoold impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal herschoold worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal herschoold zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou herschoold worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou herschoold zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had herschoold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had herschoold voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden herschoold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden herschoold voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben herschoold actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
herschole aanvoegende wijs
herscholend onvoltooid, deelwoord
herschool gebiedende wijs
herschoold verleden tijd, deelwoord
herschoold te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
herschoold te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
herschoold te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
herschoold te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
herschoold te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
herschoold worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
herschoold zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
herschoold zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
herschoold zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
herschoold zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
herschoolde verleden tijd
is herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben herschoold actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te herscholen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen herscholen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren herschoold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren herschoold voltooid, verleden tijd, derde persoon
was herschoold voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was herschoold voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was herschoold voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt herschoold enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt herschoold enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt herschoold voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt herscholen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt herschoold hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt herschoold zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen herscholen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult herscholen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult herschoold hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult herschoold worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult herschoold zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van scholen met het voorvoegsel her-

Woordfamilie van herscholen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
herschole aanvoegende wijs herscholen
herscholend onvoltooid deelwoord herscholen
herscholende woordvorm herscholen
herschool gebiedende wijs herscholen
herschoold voltooid deelwoord herscholen
herschoolde verleden tijd herscholen
herschoolden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon herscholen
herschoolt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon herscholen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van herscholen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over herscholen

Wat is de betekenis van herscholen?
Herscholen is een werkwoord. De betekenis is: op latere leeftijd een opleiding in een ander vak doen volgen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik herscholen?
Zo vervoeg je herscholen zo: de tegenwoordige tijd is herschool, de verleden tijd is herschoolde en het voltooid deelwoord is herschoold. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord herscholen is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. O 1
  8. L 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

herscholen levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 102 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. O 1
  8. L 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 24 zonder bonus
  12. 102 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

herscholen in het kort

herscholen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van herscholen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort herscholen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

herscholen: op latere leeftijd een opleiding in een ander vak doen volgen
Deel herscholen — standaardnederlands.nl