heropenen
werkwoordBetekenis
- opnieuw openen
Vervoeging van heropenen
heropenenhele werkwoord — heropendeverleden tijd enkelvoud — heropendenverleden tijd meervoud — heropendvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | heropen | heropende |
| jij | heropent | heropende |
| hij, zij, het | heropent | heropende |
| wij | heropenen | heropenden |
| jullie | heropenen | heropenden |
| zij | heropenen | heropenden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is heropend | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was heropend | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd heropend | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt heropend | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal heropend worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal heropend zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou heropend worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou heropend zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had heropend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had heropend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden heropend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden heropend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben heropend | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| heropen | gebiedende wijs |
| heropend | verleden tijd, deelwoord |
| heropend te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| heropend te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| heropend te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| heropend te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| heropend te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| heropend worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| heropend zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| heropend zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| heropend zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| heropend zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| heropende | verleden tijd |
| heropene | aanvoegende wijs |
| heropenend | onvoltooid, deelwoord |
| is heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben heropend | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te heropenen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen heropenen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren heropend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren heropend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was heropend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was heropend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was heropend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt heropend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt heropend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt heropend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt heropend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt heropend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen heropenen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult heropend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult heropend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult heropend zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult heropenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van openen met het voorvoegsel her-
Woordfamilie van heropenen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| heropen | gebiedende wijs | heropenen |
| heropend | voltooid deelwoord | heropenen |
| heropende | verleden tijd | heropenen |
| heropenden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | heropenen |
| heropene | aanvoegende wijs | heropenen |
| heropenend | onvoltooid deelwoord | heropenen |
| heropenende | woordvorm | heropenen |
| heropent | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | heropenen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van heropenen zijn vastgelegd.