Naar de inhoud

hergroeperen

organisaties of delen daarvan op nieuwe wijze rangschikken

hergroeperen

werkwoord

Betekenis

  1. organisaties of delen daarvan op nieuwe wijze rangschikken

Vervoeging van hergroeperen

hergroeperenhele werkwoord — hergroepeerdeverleden tijd enkelvoud — hergroepeerdenverleden tijd meervoud — (hergegroepeerd)voltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hergroepeer hergroepeerde
jij hergroepeert hergroepeerde
hij, zij, het hergroepeert hergroepeerde
wij hergroeperen hergroepeerden
jullie hergroeperen hergroepeerden
zij hergroeperen hergroepeerden
Alle 90 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
(hergegroepeerd) verleden tijd, deelwoord
(hergroepeerd) verleden tijd, deelwoord
- impersonal, passief
er is gehergroepeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gehergroepeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gehergroepeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gehergroepeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gehergroepeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gehergroepeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gehergroepeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gehergroepeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gehergroepeerd verleden tijd, deelwoord
gehergroepeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gehergroepeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gehergroepeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehergroepeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehergroepeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehergroepeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gehergroepeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gehergroepeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gehergroepeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gehergroepeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehergroepeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hergroepeer gebiedende wijs
hergroepeerde verleden tijd
hergroepere aanvoegende wijs
hergroeperend onvoltooid, deelwoord
is gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gehergroepeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hergroeperen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen hergroeperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gehergroepeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gehergroepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gehergroepeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gehergroepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gehergroepeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gehergroepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gehergroepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gehergroepeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gehergroepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gehergroepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gehergroepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gehergroepeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gehergroepeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gehergroepeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gehergroepeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen hergroeperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gehergroepeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult hergroeperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van groeperen met het voorvoegsel her-

Woordfamilie van hergroeperen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gehergroepeerd voltooid deelwoord hergroeperen
gehergroepeerde woordvorm hergroeperen
hergegroepeerde woordvorm hergroeperen
hergroepeer gebiedende wijs hergroeperen
hergroepeerd woordvorm hergroeperen
hergroepeerde verleden tijd hergroeperen
hergroepeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon hergroeperen
hergroepeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon hergroeperen
hergroepere aanvoegende wijs hergroeperen
hergroeperend onvoltooid deelwoord hergroeperen
hergroeperende woordvorm hergroeperen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hergroeperen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over hergroeperen

Wat betekent hergroeperen?
Hergroeperen is een werkwoord. Het woord betekent: organisaties of delen daarvan op nieuwe wijze rangschikken.
Hoe vervoeg je hergroeperen?
Je vervoegt hergroeperen als volgt: de tegenwoordige tijd is hergroepeer, de verleden tijd is hergroepeerde en het voltooid deelwoord is hergegroepeerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord hergroeperen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. G 3
  5. R 2
  6. O 1
  7. E 1
  8. P 3
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

hergroeperen levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. G 3
  5. R 2
  6. O 1
  7. E 1
  8. P 4
  9. E 1
  10. R 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 23 zonder bonus
  14. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

hergroeperen in het kort

hergroeperen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van hergroeperen zijn 67 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort hergroeperen bij een woordfamilie van 11 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

hergroeperen: organisaties of delen daarvan op nieuwe wijze rangschikken
Deel hergroeperen — standaardnederlands.nl