Naar de inhoud

hameren

met een hamer inslaan

hameren

werkwoord

Betekenis

  1. met een hamer inslaan
  2. ~ op: zwaar de nadruk op iets leggen

Vervoeging van hameren

hamerenhele werkwoord — hamerdeverleden tijd enkelvoud — hamerdenverleden tijd meervoud — gehamerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hamer hamerde
jij hamert hamerde
hij, zij, het hamert hamerde
wij hameren hamerden
jullie hameren hamerden
zij hameren hamerden
Alle 88 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
er is gehamerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gehamerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gehamerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gehamerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gehamerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gehamerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gehamerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gehamerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gehamerd verleden tijd, deelwoord
gehamerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gehamerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gehamerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehamerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehamerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehamerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gehamerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gehamerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gehamerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gehamerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gehamerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gehamerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gehamerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gehamerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gehamerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gehamerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gehamerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hamer gebiedende wijs
hamerde verleden tijd
hamere aanvoegende wijs
hamerend onvoltooid, deelwoord
heb gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehamerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hameren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gehamerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen hameren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren gehamerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gehamerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gehamerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden gehamerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden gehamerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gehamerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gehamerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gehamerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gehamerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gehamerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gehamerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gehamerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gehamerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gehamerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt hameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gehamerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gehamerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen hameren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gehamerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult hameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afleiding van hamer met het achtervoegsel -en (1).

Woordfamilie van hameren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gehamerd voltooid deelwoord hameren
gehamerde woordvorm hameren
hamerde verleden tijd hameren
hamerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon hameren
hamere aanvoegende wijs hameren
hamerend onvoltooid deelwoord hameren
hamerende woordvorm hameren
hamert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon hameren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hameren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over hameren

Wat is de betekenis van hameren?
Hameren is een werkwoord. De betekenis is: met een hamer inslaan. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik hameren?
Zo vervoeg je hameren zo: de tegenwoordige tijd is hamer, de verleden tijd is hamerde en het voltooid deelwoord is gehamerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord hameren is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. A 1
  3. M 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

hameren levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 103 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. A 1
  3. M 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 13 zonder bonus
  9. 103 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

hameren telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

hameren in het kort

hameren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van hameren staan er 65 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort hameren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

hameren: met een hamer inslaan
Deel hameren — standaardnederlands.nl