Naar de inhoud

gijpen

met de wind mee door de wind gaan

gijpen

werkwoord

Betekenis

  1. met de wind mee door de wind gaan
  2. plotseling van stand veranderen van de zeilen wanneer met met de wind mee door de wind gaat
  3. tweede betekenisomschrijving
  4. enz.

Vervoeging van gijpen

gijpenhele werkwoord — gijpteverleden tijd enkelvoud — gijptenverleden tijd meervoud — gegijptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gijp gijpte
jij gijpt gijpte
hij, zij, het gijpt gijpte
wij gijpen gijpten
jullie gijpen gijpten
zij gijpen gijpten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gegijpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegijpt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegijpt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegijpt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegijpt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegijpt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegijpt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegijpt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegijpt verleden tijd, deelwoord
gegijpt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegijpt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gijp gebiedende wijs
gijpe aanvoegende wijs
gijpend onvoltooid, deelwoord
gijpte verleden tijd
had gegijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegijpt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegijpt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegijpt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegijpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegijpt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te gijpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegijpt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen gijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegijpt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gijpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gijpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegijpt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gijpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘voor de wind overstag gaan’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1618

Woordfamilie van gijpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegijpt voltooid deelwoord gijpen
gegijpte woordvorm gijpen
gijp gebiedende wijs gijpen
gijpe aanvoegende wijs gijpen
gijpend onvoltooid deelwoord gijpen
gijpende woordvorm gijpen
gijpt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon gijpen
gijpte verleden tijd gijpen
gijpten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon gijpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gijpen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over gijpen

Wat betekent gijpen?
Gijpen is een werkwoord. Het woord betekent: met de wind mee door de wind gaan. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je gijpen?
Je vervoegt gijpen als volgt: de tegenwoordige tijd is gijp, de verleden tijd is gijpte en het voltooid deelwoord is gegijpt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord gijpen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. I 1
  3. J 4
  4. P 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

gijpen levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 69 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. I 2
  3. J 4
  4. P 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 15 zonder bonus
  8. 69 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (J) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

gijpen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

gijpen in het kort

gijpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van gijpen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort gijpen bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

gijpen: met de wind mee door de wind gaan
Deel gijpen — standaardnederlands.nl