gedenken
werkwoordBetekenis
- stilstaan bij iets
Vervoeging van gedenken
gedenkenhele werkwoord — gedachtverleden tijd enkelvoud — gedachtenverleden tijd meervoud — gedachtvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | gedenk | gedacht |
| jij | gedenkt | gedacht |
| hij, zij, het | gedenkt | gedacht |
| wij | gedenken | gedachten |
| jullie | gedenken | gedachten |
| zij | gedenken | gedachten |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gedacht | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedacht | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedacht | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedacht | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedacht worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedacht zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedacht worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedacht zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedacht | verleden tijd |
| gedacht | verleden tijd, deelwoord |
| gedacht te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedacht te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedacht te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedacht te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedacht te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedacht worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedacht zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedacht zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedacht zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedacht zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedenk | gebiedende wijs |
| gedenke | aanvoegende wijs |
| gedenkend | onvoltooid, deelwoord |
| had gedacht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedacht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedacht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedacht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedacht | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te gedenken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedacht | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen gedenken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedacht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedacht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedacht | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gedacht | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gedacht | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gedacht | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gedacht | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gedacht | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gedacht hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedacht zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedenken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gedacht hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedacht worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedacht zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van denken met het voorvoegsel ge-
Woordfamilie van gedenken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gedenk | gebiedende wijs | gedenken |
| gedenke | aanvoegende wijs | gedenken |
| gedenkend | onvoltooid deelwoord | gedenken |
| gedenkende | woordvorm | gedenken |
| gedenkt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | gedenken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gedenken zijn vastgelegd.