Naar de inhoud

föhnen

(het haar) met een föhn drogen

föhnen

werkwoord

Betekenis

  1. (het haar) met een föhn drogen

werkwoord

  1. met een föhn drogen transitive

Vervoeging van föhnen

föhnenhele werkwoord — föhndeverleden tijd enkelvoud — föhndenverleden tijd meervoud — geföhndvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik föhn föhnde
jij föhnt föhnde
hij, zij, het föhnt föhnde
wij föhnen föhnden
jullie föhnen föhnden
zij föhnen föhnden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geföhnd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geföhnd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geföhnd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geföhnd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geföhnd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geföhnd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geföhnd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geföhnd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
föhn gebiedende wijs
föhnde verleden tijd
föhne aanvoegende wijs
föhnend onvoltooid, deelwoord
geföhnd verleden tijd, deelwoord
geföhnd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geföhnd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geföhnd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geföhnd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geföhnd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geföhnd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geföhnd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geföhnd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geföhnd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geföhnd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geföhnd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te föhnen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geföhnd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen föhnen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt föhnen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt geföhnd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen föhnen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult föhnen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult geföhnd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordfamilie van föhnen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
föhnde verleden tijd föhnen
föhnden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon föhnen
föhne aanvoegende wijs föhnen
föhnend onvoltooid deelwoord föhnen
föhnende woordvorm föhnen
föhnt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon föhnen
geföhnd voltooid deelwoord föhnen
geföhnde woordvorm föhnen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van föhnen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over föhnen

Wat betekent föhnen?
Föhnen is een werkwoord. Het woord betekent: (het haar) met een föhn drogen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je föhnen?
Je vervoegt föhnen als volgt: de tegenwoordige tijd is föhn, de verleden tijd is föhnde en het voltooid deelwoord is geföhnd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord föhnen is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. O 1
  3. H 4
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

föhnen levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 60 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. O 1
  3. H 4
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 60 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

föhnen in het kort

föhnen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van föhnen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort föhnen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

föhnen: (het haar) met een föhn drogen
Deel föhnen — standaardnederlands.nl