fotografie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de kunst om door chemische inwerking van licht op een gevoelige plaat afbeeldingen te maken
- de kunst om met behulp van een camera een afbeelding te maken
- foto, kiekje
- fotografování
- foto
- výrobní postup
- obraz
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| fotografietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| fotografietjes | verkleinwoord, meervoud |
| fotografieën | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘het maken van afbeeldingen door chemische inwerking van licht’ voor het eerst aangetroffen in 1847
Woordfamilie van fotografie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| fotografietje | verkleinwoord | fotografie |
| fotografietjes | verkleinwoord meervoud | fotografie |
| fotografieën | meervoud | fotografie |
| fotografies | meervoud | fotografieën |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fotografie zijn vastgelegd.