Naar de inhoud

foezelen

frauderen

foezelen

werkwoord

Betekenis

  1. frauderen
  2. stiekem vrijen

Vervoeging van foezelen

foezelenhele werkwoord — foezeldeverleden tijd enkelvoud — foezeldenverleden tijd meervoud — gefoezeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik foezel foezelde
jij foezelt foezelde
hij, zij, het foezelt foezelde
wij foezelen foezelden
jullie foezelen foezelden
zij foezelen foezelden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
foezel gebiedende wijs
foezelde verleden tijd
foezele aanvoegende wijs
foezelend onvoltooid, deelwoord
gefoezeld verleden tijd, deelwoord
gefoezeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefoezeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefoezeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefoezeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefoezeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefoezeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefoezeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefoezeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefoezeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefoezeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefoezeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te foezelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefoezeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen foezelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt foezelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefoezeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen foezelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult foezelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefoezeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van foezel met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van foezelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
foezelde verleden tijd foezelen
foezelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon foezelen
foezele aanvoegende wijs foezelen
foezelend onvoltooid deelwoord foezelen
foezelende woordvorm foezelen
foezelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon foezelen
gefoezeld voltooid deelwoord foezelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van foezelen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over foezelen

Wat betekent foezelen?
Foezelen is een werkwoord. Het woord betekent: frauderen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je foezelen?
Je vervoegt foezelen als volgt: de tegenwoordige tijd is foezel, de verleden tijd is foezelde en het voltooid deelwoord is gefoezeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord foezelen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. Z 4
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

foezelen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. Z 5
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 17 zonder bonus
  10. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

foezelen in het kort

foezelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van foezelen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort foezelen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

foezelen: frauderen
Deel foezelen — standaardnederlands.nl