Naar de inhoud

flapperen

een klapperend geluid maken door het snel heen en weer gaan, bv. van een zeil door de wind, klapperen

flapperen

werkwoord

Betekenis

  1. een klapperend geluid maken door het snel heen en weer gaan, bv. van een zeil door de wind, klapperen

Vervoeging van flapperen

flapperenhele werkwoord — flapperdeverleden tijd enkelvoud — flapperdenverleden tijd meervoud — geflapperdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik flapper flapperde
jij flappert flapperde
hij, zij, het flappert flapperde
wij flapperen flapperden
jullie flapperen flapperden
zij flapperen flapperden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
flapper gebiedende wijs
flapperde verleden tijd
flappere aanvoegende wijs
flapperend onvoltooid, deelwoord
geflapperd verleden tijd, deelwoord
geflapperd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geflapperd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geflapperd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geflapperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geflapperd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geflapperd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geflapperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geflapperd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geflapperd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geflapperd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geflapperd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te flapperen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geflapperd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen flapperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt flapperen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt geflapperd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen flapperen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult flapperen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult geflapperd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordfamilie van flapperen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
flapperde verleden tijd flapperen
flapperden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon flapperen
flappere aanvoegende wijs flapperen
flapperend onvoltooid deelwoord flapperen
flapperende woordvorm flapperen
flappert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon flapperen
geflapperd voltooid deelwoord flapperen
geflapperde woordvorm flapperen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van flapperen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over flapperen

Wat betekent flapperen?
Flapperen is een werkwoord. Het woord betekent: een klapperend geluid maken door het snel heen en weer gaan, bv. van een zeil door de wind, klapperen.
Hoe vervoeg je flapperen?
Je vervoegt flapperen als volgt: de tegenwoordige tijd is flapper, de verleden tijd is flapperde en het voltooid deelwoord is geflapperd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord flapperen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. L 3
  3. A 1
  4. P 3
  5. P 3
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

flapperen levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. L 3
  3. A 1
  4. P 4
  5. P 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 zonder bonus
  11. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

flapperen in het kort

flapperen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van flapperen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort flapperen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

flapperen: een klapperend geluid maken door het snel heen en weer gaan, bv. van een zeil door de wind, klapperen
Deel flapperen — standaardnederlands.nl