Naar de inhoud

entameren

beginnen met iets

entameren

werkwoord

Betekenis

  1. beginnen met iets

Vervoeging van entameren

entamerenhele werkwoord — entameerdeverleden tijd enkelvoud — entameerdenverleden tijd meervoud — geëntameerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik entameer entameerde
jij entameert entameerde
hij, zij, het entameert entameerde
wij entameren entameerden
jullie entameren entameerden
zij entameren entameerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
entameer gebiedende wijs
entameerde verleden tijd
entamere aanvoegende wijs
entamerend onvoltooid, deelwoord
er is geëntameerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geëntameerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geëntameerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geëntameerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geëntameerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geëntameerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geëntameerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geëntameerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geëntameerd verleden tijd, deelwoord
geëntameerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geëntameerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geëntameerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëntameerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëntameerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geëntameerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geëntameerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geëntameerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geëntameerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geëntameerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geëntameerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geëntameerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geëntameerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geëntameerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geëntameerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te entameren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben geëntameerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen entameren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geëntameerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geëntameerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geëntameerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geëntameerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geëntameerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geëntameerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geëntameerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt entameren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt geëntameerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geëntameerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen entameren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult entameren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult geëntameerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geëntameerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geëntameerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘in behandeling nemen’ voor het eerst aangetroffen in 1932

Woordfamilie van entameren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
entameer gebiedende wijs entameren
entameerde verleden tijd entameren
entameerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon entameren
entameert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon entameren
entamere aanvoegende wijs entameren
entamerend onvoltooid deelwoord entameren
entamerende woordvorm entameren
geëntameerd voltooid deelwoord entameren
geëntameerde woordvorm entameren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van entameren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over entameren

Wat betekent entameren?
Entameren is een werkwoord. Het woord betekent: beginnen met iets.
Hoe vervoeg je entameren?
Je vervoegt entameren als volgt: de tegenwoordige tijd is entameer, de verleden tijd is entameerde en het voltooid deelwoord is geëntameerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord entameren is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. E 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. A 1
  5. M 3
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

entameren levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. E 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. A 1
  5. M 3
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 13 zonder bonus
  11. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

entameren in het kort

entameren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van entameren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort entameren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

entameren: beginnen met iets
Deel entameren — standaardnederlands.nl