eenmansfractie
zelfstandig naamwoord ˈenmɑnsˌfrɑksiBetekenis
- iemand die namens zijn partij als eenling binnen een volksvertegenwoordiging meedoet
Hoe spreek je eenmansfractie uit?
/ˈenmɑnsˌfrɑksi/
Eenmansfractie bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| n | nek |
| m | maan |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| f | fiets |
| r | rood |
| k | kat |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| eenmansfracties | meervoud |
| eenmansfractietje | verkleinwoord, enkelvoud |
| eenmansfractietjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstellende samenstelling van een ht "1", man zn "(mannelijk) persoon" en fractie zn "groepering in een volksvertegenwoordiging" met het invoegsel -s-
Woordfamilie van eenmansfractie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| eenmansfracties | meervoud | eenmansfractie |
| eenmansfractietje | verkleinwoord | eenmansfractie |
| eenmansfractietjes | verkleinwoord meervoud | eenmansfractie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van eenmansfractie zijn vastgelegd.