doorweven
werkwoord ˈdorwevə(n)Betekenis
- voortgaan met weven
- door weven door iets heen doen
Hoe spreek je doorweven uit?
/ˈdorwevən/
Doorweven bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| o | boot |
| r | rood |
| w | quiz |
| e | veel |
| v | vis |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van doorweven
doorwevenhele werkwoord — doorweefdeverleden tijd enkelvoud — doorweefdenverleden tijd meervoud — doorgewevenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | doorweef | doorweefde |
| jij | doorweeft | doorweefde |
| hij, zij, het | doorweeft | doorweefde |
| wij | weven door | doorweefden |
| jullie | weven door | doorweefden |
| zij | weven door | doorweefden |
Alle 133 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [A] dóórweven | canonical |
| door te weven | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| door te zullen weven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| door zal weven | bijzin, toekomende tijd |
| door zou weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zouden weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zoudt weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zullen weven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| door zullen weven | bijzin, toekomende tijd |
| door zult weven | bijzin, toekomende tijd |
| doorgeweven | verleden tijd, deelwoord |
| doorgeweven te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doorgeweven zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doorweef | gebiedende wijs |
| doorweef | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doorweefde | bijzin, verleden tijd |
| doorweefden | bijzin, verleden tijd |
| doorweefdet | bijzin, verleden tijd |
| doorweeft | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doorweve | aanvoegende wijs |
| doorweven te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doorweven zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doorwevend | onvoltooid, deelwoord |
| er is doorgeweven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was doorgeweven | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd doorgeweven | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt doorgeweven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal doorgeweven worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal doorgeweven zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou doorgeweven worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou doorgeweven zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadt doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| heb doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorgeweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebben doorweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebt doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| heeft doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben doorgeweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben doorweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weef door | gebiedende wijs |
| weefde door | verleden tijd |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou(dt) doorweven door zou(dt) weven | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zult doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult/zal doorweven door zult/zal weven | bijzin, toekomende tijd |
Woordvorm
- door weven door iets heen doen
- voltooid deelwoord van doorweven
Vervoeging van doorweven
doorwevenhele werkwoord — doorweefdeverleden tijd enkelvoud — doorweefdenverleden tijd meervoud — doorgewevenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | doorweef | doorweefde |
| jij | doorweeft | doorweefde |
| hij, zij, het | doorweeft | doorweefde |
| wij | weven door | doorweefden |
| jullie | weven door | doorweefden |
| zij | weven door | doorweefden |
Alle 134 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [B] doorwéven | canonical |
| door te weven | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| door te zullen weven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| door zal weven | bijzin, toekomende tijd |
| door zou weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zouden weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zoudt weven | bijzin, voorwaardelijk |
| door zullen weven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| door zullen weven | bijzin, toekomende tijd |
| door zult weven | bijzin, toekomende tijd |
| doorgeweven | verleden tijd, deelwoord |
| doorgeweven te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doorgeweven zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doorweef | gebiedende wijs |
| doorweef | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doorweefde | verleden tijd |
| doorweefde | bijzin, verleden tijd |
| doorweefden | bijzin, verleden tijd |
| doorweefdet | bijzin, verleden tijd |
| doorweeft | bijzin, tegenwoordige tijd |
| doorweve | aanvoegende wijs |
| doorweven | verleden tijd, deelwoord |
| doorweven te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| doorweven zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| doorwevend | onvoltooid, deelwoord |
| er is doorgeweven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was doorgeweven | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd doorgeweven | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt doorgeweven | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal doorgeweven worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal doorgeweven zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou doorgeweven worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou doorgeweven zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had doorgeweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had doorweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden doorgeweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden doorweven | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt doorgeweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadt doorweven | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| heb doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorgeweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebben doorweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebt doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorgeweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| heeft doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft doorweven | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben doorgeweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben doorweven | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weef door | gebiedende wijs |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou(dt) doorweven door zou(dt) weven | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt doorgeweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt doorweven | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt doorweven hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen doorweven | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult doorgeweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult doorweven | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult doorweven | bijzin, toekomende tijd |
| zult doorweven hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult/zal doorweven door zult/zal weven | bijzin, toekomende tijd |
Woordfamilie van doorweven
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| doorgeweven | voltooid deelwoord | doorweven |
| doorweef | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | doorweven |
| doorweefde | subordinate-clause, verleden tijd | doorweven |
| doorweefden | subordinate-clause, verleden tijd | doorweven |
| doorweeft | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | doorweven |
| doorweve | aanvoegende wijs | doorweven |
| doorwevend | onvoltooid deelwoord | doorweven |
| doorwevende | woordvorm | doorweven |
| weef door | gebiedende wijs | doorweven |
| weefde door | verleden tijd | doorweven |
| weefden door | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | doorweven |
| weeft door | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | doorweven |
| weve door | woordvorm | doorweven |
| weven door | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | doorweven |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doorweven zijn vastgelegd.