Naar de inhoud

doorstarten

doorgaan met starten

doorstarten

werkwoord

Betekenis

  1. doorgaan met starten
  2. een doorstart maken

Vervoeging van doorstarten

doorstartenhele werkwoord — startte doorverleden tijd enkelvoud — startten doorverleden tijd meervoud — doorgestartvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik start door startte door
jij start door startte door
hij, zij, het start door startte door
wij starten door startten door
jullie starten door startten door
zij starten door startten door
Alle 45 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
door te starten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
door te zullen starten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
door zal starten bijzin, toekomende tijd
door zou starten bijzin, voorwaardelijk
door zouden starten bijzin, voorwaardelijk
door zoudt starten bijzin, voorwaardelijk
door zullen starten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
door zullen starten bijzin, toekomende tijd
door zult starten bijzin, toekomende tijd
doorgestart actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorgestart verleden tijd, deelwoord
doorgestart te zullen actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgestart zullen actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorstart bijzin, tegenwoordige tijd
doorstartend onvoltooid, deelwoord
doorstartte bijzin, verleden tijd
doorstartten bijzin, verleden tijd
ev. gebiedende wijs
start door gebiedende wijs
startte door verleden tijd
te doorgestart actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen doorstarten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorstarten bijzin, toekomende tijd
zou doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorstarten bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) doorstarten door zou(dt) starten bijzin, voorwaardelijk
zouden doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorstarten bijzin, voorwaardelijk
zoudt doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt doorstarten bijzin, voorwaardelijk
zullen doorstarten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen doorstarten bijzin, toekomende tijd
zult doorstarten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult doorstarten bijzin, toekomende tijd
zult/zal doorstarten door zult/zal starten bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van door en starten

Woordfamilie van doorstarten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
doorgestart voltooid deelwoord doorstarten
doorstarte with-subordinate-clause doorstarten
doorstartend onvoltooid deelwoord doorstarten
doorstartende woordvorm doorstarten
doorstartte subordinate-clause, verleden tijd doorstarten
doorstartten subordinate-clause, verleden tijd doorstarten
start door gebiedende wijs doorstarten
starte door woordvorm doorstarten
starten door aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon doorstarten
startte door verleden tijd doorstarten
startten door aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon doorstarten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doorstarten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over doorstarten

Wat betekent doorstarten?
Doorstarten is een werkwoord. Het woord betekent: doorgaan met starten. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je doorstarten?
Je vervoegt doorstarten als volgt: het voltooid deelwoord is doorgestart. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord doorstarten is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. T 2
  7. A 1
  8. R 2
  9. T 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

doorstarten levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. T 2
  7. A 1
  8. R 2
  9. T 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 17 zonder bonus
  13. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (D) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

doorstarten in het kort

doorstarten staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van doorstarten zijn 30 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort doorstarten bij een woordfamilie van 11 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

doorstarten: doorgaan met starten
Deel doorstarten — standaardnederlands.nl