Naar de inhoud

doorbakken

niet stoppen met bakken, verdergaan met in een oven of pan verhitten of verhit worden

doorbakken is meer dan één woord

doorbakken

werkwoord, bijvoeglijk naamwoord ˈdorbɑkə(n)

Betekenis

  1. niet stoppen met bakken, verdergaan met in een oven of pan verhitten of verhit worden
  2. iets in een oven of pan grondig verhitten
  3. door en door gebakken waardoor het geheel gelijkmatig is gebakken

Hoe spreek je doorbakken uit?

/ˈdorbɑkən/

Doorbakken bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈdorbɑkən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
d dak
o boot
r rood
b bak
ɑ bad
k kat
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van doorbakken

doorbakkenhele werkwoord — bakte doorverleden tijd enkelvoud — bakten doorverleden tijd meervoud — doorgebakkenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bak door bakte door
jij bakt door bakte door
hij, zij, het bakt door bakte door
wij bakken door bakten door
jullie bakken door bakten door
zij bakken door bakten door
Alle 165 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
bak door gebiedende wijs
bakte door verleden tijd
door te bakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
door te zullen bakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
door zal bakken bijzin, toekomende tijd
door zou bakken bijzin, voorwaardelijk
door zouden bakken bijzin, voorwaardelijk
door zoudt bakken bijzin, voorwaardelijk
door zullen bakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
door zullen bakken bijzin, toekomende tijd
door zult bakken bijzin, toekomende tijd
doorbak gebiedende wijs
doorbak bijzin, tegenwoordige tijd
doorbakke aanvoegende wijs
doorbakken te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorbakken te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorbakken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorbakken zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorbakken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakken zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakken zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakkend onvoltooid, deelwoord
doorbakt bijzin, tegenwoordige tijd
doorbakte bijzin, verleden tijd
doorbakten bijzin, verleden tijd
doorgebakken verleden tijd, deelwoord
doorgebakken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgebakken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
dóórbakken canonical
er is doorbakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er is doorgebakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was doorbakken impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er was doorgebakken impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd doorbakken impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er werd doorgebakken impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt doorbakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er wordt doorgebakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal doorbakken worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal doorbakken zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zal doorgebakken worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal doorgebakken zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou doorbakken worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou doorbakken zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
er zou doorgebakken worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou doorgebakken zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had doorbakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadt doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
heb doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorbakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebben doorgebakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebt doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
heeft doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te doorbakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben doorbakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben doorgebakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen doorbakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
was doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd doorbakken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden doorbakken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden doorbakken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt doorbakken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorbakken bijzin, toekomende tijd
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal doorbakken zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorbakken bijzin, voorwaardelijk
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou doorbakken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) doorbakken door zou(dt) bakken bijzin, voorwaardelijk
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorbakken bijzin, voorwaardelijk
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorbakken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • iets in een oven of pan grondig verhitten
  • voltooid deelwoord van doorbakken

Vervoeging van doorbakken

doorbakkenhele werkwoord — bakte doorverleden tijd enkelvoud — bakten doorverleden tijd meervoud — doorbakkenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bak door bakte door
jij bakt door bakte door
hij, zij, het bakt door bakte door
wij bakken door bakten door
jullie bakken door bakten door
zij bakken door bakten door
Alle 166 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
bak door gebiedende wijs
door te bakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
door te zullen bakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
door zal bakken bijzin, toekomende tijd
door zou bakken bijzin, voorwaardelijk
door zouden bakken bijzin, voorwaardelijk
door zoudt bakken bijzin, voorwaardelijk
door zullen bakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
door zullen bakken bijzin, toekomende tijd
door zult bakken bijzin, toekomende tijd
doorbak gebiedende wijs
doorbak bijzin, tegenwoordige tijd
doorbakke aanvoegende wijs
doorbakken verleden tijd, deelwoord
doorbakken te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorbakken te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorbakken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorbakken worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorbakken zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorbakken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakken zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakken zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorbakkend onvoltooid, deelwoord
doorbakt bijzin, tegenwoordige tijd
doorbakte verleden tijd
doorbakte bijzin, verleden tijd
doorbakten bijzin, verleden tijd
doorbákken canonical
doorgebakken verleden tijd, deelwoord
doorgebakken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgebakken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
er is doorbakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er is doorgebakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was doorbakken impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er was doorgebakken impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd doorbakken impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er werd doorgebakken impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt doorbakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er wordt doorgebakken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal doorbakken worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal doorbakken zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zal doorgebakken worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal doorgebakken zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou doorbakken worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou doorbakken zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
er zou doorgebakken worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou doorgebakken zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had doorbakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had doorgebakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden doorgebakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt doorbakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadt doorgebakken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
heb doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorbakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebben doorgebakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebt doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
heeft doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorgebakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te doorbakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben doorbakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben doorgebakken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen doorbakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waren doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
was doorbakken voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd doorbakken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werden doorbakken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
worden doorbakken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt doorbakken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorbakken bijzin, toekomende tijd
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal doorbakken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal doorbakken zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal doorgebakken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn doorbakken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorbakken bijzin, voorwaardelijk
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou doorbakken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) doorbakken door zou(dt) bakken bijzin, voorwaardelijk
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorbakken bijzin, voorwaardelijk
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorbakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorbakken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorbakken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorgebakken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt doorbakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon

Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)

Vorm Grammaticale informatie
doorbákken canonical

Herkomst

[werkwoord] samenstelling van door bw en bakken ww ; uit onderstaande voorbeeldzinnen blijkt, anders dan het Woordenboek der Nederlandsche Taal zegt, dat de overgankelijke vorm ook voorkomt

Woordfamilie van doorbakken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
doorbakkend onvoltooid deelwoord doorbakken
doorbakkende woordvorm doorbakken
doorbakkener woordvorm doorbakken
doorbakkeners woordvorm doorbakken
doorbakkens woordvorm doorbakken
doorbakkenst woordvorm doorbakken
doorbakkenste woordvorm doorbakken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doorbakken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over doorbakken

Hoe spreek ik doorbakken uit?
Zo spreek je doorbakken uit: /ˈdorbɑkə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van doorbakken?
Doorbakken is een werkwoord. De betekenis is: niet stoppen met bakken, verdergaan met in een oven of pan verhitten of verhit worden. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik doorbakken?
Zo vervoeg je doorbakken zo: de tegenwoordige tijd is doorbak, de verleden tijd is doorbakte en het voltooid deelwoord is doorgebakken. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord doorbakken is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. B 3
  6. A 1
  7. K 3
  8. K 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

doorbakken levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. B 4
  6. A 1
  7. K 3
  8. K 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 zonder bonus
  12. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

doorbakken in het kort

doorbakken is zowel werkwoord als bijvoeglijk naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van doorbakken staan er 106 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort doorbakken bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

doorbakken: niet stoppen met bakken, verdergaan met in een oven of pan verhitten of verhit worden
Deel doorbakken — standaardnederlands.nl