Naar de inhoud

digitaliseren

informatie omzetten van analoog naar digitaal

digitaliseren

werkwoord

Betekenis

  1. informatie omzetten van analoog naar digitaal

Vervoeging van digitaliseren

digitaliserenhele werkwoord — digitaliseerdeverleden tijd enkelvoud — digitaliseerdenverleden tijd meervoud — gedigitaliseerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik digitaliseer digitaliseerde
jij digitaliseert digitaliseerde
hij, zij, het digitaliseert digitaliseerde
wij digitaliseren digitaliseerden
jullie digitaliseren digitaliseerden
zij digitaliseren digitaliseerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
digitaliseer gebiedende wijs
digitaliseerde verleden tijd
digitalisere aanvoegende wijs
digitaliserend onvoltooid, deelwoord
er is gedigitaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gedigitaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gedigitaliseerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gedigitaliseerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gedigitaliseerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gedigitaliseerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gedigitaliseerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gedigitaliseerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gedigitaliseerd verleden tijd, deelwoord
gedigitaliseerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedigitaliseerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedigitaliseerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigitaliseerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigitaliseerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigitaliseerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedigitaliseerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedigitaliseerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedigitaliseerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedigitaliseerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedigitaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te digitaliseren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gedigitaliseerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen digitaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gedigitaliseerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gedigitaliseerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gedigitaliseerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gedigitaliseerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedigitaliseerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen digitaliseren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult digitaliseren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gedigitaliseerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedigitaliseerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedigitaliseerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse digitaliser (met het achtervoegsel -iseren) wat zelf weer komt van het Engelse digitalize

Woordfamilie van digitaliseren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
digitaliseer gebiedende wijs digitaliseren
digitaliseerde verleden tijd digitaliseren
digitaliseerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon digitaliseren
digitaliseert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon digitaliseren
digitalisere aanvoegende wijs digitaliseren
digitaliserend onvoltooid deelwoord digitaliseren
digitaliserende woordvorm digitaliseren
gedigitaliseerd voltooid deelwoord digitaliseren
gedigitaliseerde woordvorm digitaliseren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van digitaliseren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over digitaliseren

Wat betekent digitaliseren?
Digitaliseren is een werkwoord. Het woord betekent: informatie omzetten van analoog naar digitaal.
Hoe vervoeg je digitaliseren?
Je vervoegt digitaliseren als volgt: de tegenwoordige tijd is digitaliseer, de verleden tijd is digitaliseerde en het voltooid deelwoord is gedigitaliseerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord digitaliseren is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. I 1
  3. G 3
  4. I 1
  5. T 2
  6. A 1
  7. L 3
  8. I 1
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

digitaliseren levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. I 2
  3. G 3
  4. I 2
  5. T 2
  6. A 1
  7. L 3
  8. I 2
  9. S 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 24 zonder bonus
  15. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

digitaliseren in het kort

digitaliseren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van digitaliseren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort digitaliseren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

digitaliseren: informatie omzetten van analoog naar digitaal
Deel digitaliseren — standaardnederlands.nl