Naar de inhoud

digereren

verteren

digereren

werkwoord

Betekenis

  1. verteren
  2. (een vloeistof en een vaste stof samen) matig verwarmen

werkwoord

  1. matig verwarmen

Vervoeging van digereren

digererenhele werkwoord — digereerdeverleden tijd enkelvoud — digereerdenverleden tijd meervoud — gedigereerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik digereer digereerde
jij digereert digereerde
hij, zij, het digereert digereerde
wij digereren digereerden
jullie digereren digereerden
zij digereren digereerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
digereer gebiedende wijs
digereerde verleden tijd
digerere aanvoegende wijs
digererend onvoltooid, deelwoord
er is gedigereerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gedigereerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gedigereerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gedigereerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gedigereerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gedigereerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gedigereerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gedigereerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gedigereerd verleden tijd, deelwoord
gedigereerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedigereerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedigereerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigereerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigereerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedigereerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedigereerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedigereerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedigereerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedigereerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gedigereerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gedigereerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gedigereerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gedigereerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedigereerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te digereren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gedigereerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen digereren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedigereerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedigereerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gedigereerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gedigereerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gedigereerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gedigereerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gedigereerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt digereren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gedigereerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedigereerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen digereren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult digereren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gedigereerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedigereerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedigereerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse digérer of daarvoor van het Latijnse 'digerere' (of 'gerere' (brengen, doen) met het voorvoegsel dis-) met het achtervoegsel -eren

Woordfamilie van digereren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
digereer gebiedende wijs digereren
digereerde verleden tijd digereren
digereerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon digereren
digereert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon digereren
digerere aanvoegende wijs digereren
digererend onvoltooid deelwoord digereren
digererende woordvorm digereren
gedigereerd voltooid deelwoord digereren
gedigereerde woordvorm digereren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van digereren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over digereren

Wat betekent digereren?
Digereren is een werkwoord. Het woord betekent: verteren. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je digereren?
Je vervoegt digereren als volgt: de tegenwoordige tijd is digereer, de verleden tijd is digereerde en het voltooid deelwoord is gedigereerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord digereren is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. I 1
  3. G 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

digereren levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 63 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. I 2
  3. G 3
  4. E 1
  5. R 2
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 15 zonder bonus
  11. 63 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

digereren in het kort

digereren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van digereren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort digereren bij een woordfamilie van 9 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

digereren: verteren
Deel digereren — standaardnederlands.nl