Naar de inhoud

dichtstoppen

iets in een holte steken om deze te blokkeren

dichtstoppen

werkwoord

Betekenis

  1. iets in een holte steken om deze te blokkeren
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Vervoeging van dichtstoppen

dichtstoppenhele werkwoord — stopte dichtverleden tijd enkelvoud — stopten dichtverleden tijd meervoud — dichtgestoptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik stop dicht stopte dicht
jij stopt dicht stopte dicht
hij, zij, het stopt dicht stopte dicht
wij stoppen dicht stopten dicht
jullie stoppen dicht stopten dicht
zij stoppen dicht stopten dicht
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
dicht te stoppen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
dicht te zullen stoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
dicht zal stoppen bijzin, toekomende tijd
dicht zou stoppen bijzin, voorwaardelijk
dicht zouden stoppen bijzin, voorwaardelijk
dicht zoudt stoppen bijzin, voorwaardelijk
dicht zullen stoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
dicht zullen stoppen bijzin, toekomende tijd
dicht zult stoppen bijzin, toekomende tijd
dichtgestopt verleden tijd, deelwoord
dichtgestopt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
dichtgestopt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
dichtgestopt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
dichtgestopt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
dichtgestopt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
dichtgestopt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
dichtgestopt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
dichtgestopt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
dichtgestopt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
dichtgestopt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
dichtstop bijzin, tegenwoordige tijd
dichtstoppend onvoltooid, deelwoord
dichtstopt bijzin, tegenwoordige tijd
dichtstopte bijzin, verleden tijd
dichtstopten bijzin, verleden tijd
er is dichtgestopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was dichtgestopt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd dichtgestopt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt dichtgestopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal dichtgestopt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal dichtgestopt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou dichtgestopt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou dichtgestopt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had dichtgestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had dichtgestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden dichtgestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden dichtgestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben dichtgestopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
stop dicht gebiedende wijs
stopte dicht verleden tijd
te hebben dichtgestopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen dichtstoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren dichtgestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren dichtgestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was dichtgestopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was dichtgestopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was dichtgestopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt dichtgestopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal dichtgestopt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal dichtgestopt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal dichtstoppen bijzin, toekomende tijd
zijn dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt dichtgestopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou dichtstoppen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) dichtstoppen dicht zou(dt) stoppen bijzin, voorwaardelijk
zouden dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden dichtstoppen bijzin, voorwaardelijk
zoudt dichtgestopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt dichtgestopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt dichtstoppen bijzin, voorwaardelijk
zullen dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen dichtgestopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen dichtgestopt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen dichtgestopt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen dichtgestopt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen dichtstoppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen dichtstoppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen dichtstoppen bijzin, toekomende tijd
zult dichtgestopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van dicht en stoppen

Woordfamilie van dichtstoppen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
dichtgestopt voltooid deelwoord dichtstoppen
dichtgestopte woordvorm dichtstoppen
dichtstop subordinate-clause, tegenwoordige tijd dichtstoppen
dichtstoppe with-subordinate-clause dichtstoppen
dichtstoppend onvoltooid deelwoord dichtstoppen
dichtstoppende woordvorm dichtstoppen
dichtstopt subordinate-clause, tegenwoordige tijd dichtstoppen
dichtstopte subordinate-clause, verleden tijd dichtstoppen
dichtstopten subordinate-clause, verleden tijd dichtstoppen
stop dicht gebiedende wijs dichtstoppen
stoppe dicht woordvorm dichtstoppen
stoppen dicht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon dichtstoppen
stopt dicht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon dichtstoppen
stopte dicht verleden tijd dichtstoppen
stopten dicht aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon dichtstoppen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dichtstoppen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over dichtstoppen

Wat is de betekenis van dichtstoppen?
Dichtstoppen is een werkwoord. De betekenis is: iets in een holte steken om deze te blokkeren. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik dichtstoppen?
Zo vervoeg je dichtstoppen zo: het voltooid deelwoord is dichtgestopt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord dichtstoppen is 27 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. I 1
  3. C 5
  4. H 4
  5. T 2
  6. S 2
  7. T 2
  8. O 1
  9. P 3
  10. P 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

dichtstoppen levert met Wordfeud minimaal 30 en maximaal 120 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. I 2
  3. C 5
  4. H 4
  5. T 2
  6. S 2
  7. T 2
  8. O 1
  9. P 4
  10. P 4
  11. E 1
  12. N 1
  13. 30 zonder bonus
  14. 120 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

dichtstoppen in het kort

dichtstoppen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van dichtstoppen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort dichtstoppen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

dichtstoppen: iets in een holte steken om deze te blokkeren
Deel dichtstoppen — standaardnederlands.nl