dichtstuk
zelfstandig naamwoord 'dɪxtstʏkBetekenis
- tekst die door dichten tot stand is gekomen
Hoe spreek je dichtstuk uit?
/ˈdɪxtstʏk/
Dichtstuk bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɪ | pit |
| x | acht |
| t | tak |
| s | sok |
| ʏ | put |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dichtstukje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dichtstukjes | verkleinwoord, meervoud |
| dichtstukken | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dichten zn en stuk zn
Woordfamilie van dichtstuk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dichtstukje | verkleinwoord | dichtstuk |
| dichtstukjes | verkleinwoord meervoud | dichtstuk |
| dichtstukken | meervoud | dichtstuk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dichtstuk zijn vastgelegd.