dialyseren
werkwoordBetekenis
- door uitspoelen via een membraan zuiveren
- gebruik maken van dialyse
- tweede betekenisomschrijving
- enz.
Vervoeging van dialyseren
dialyserenhele werkwoord — dialyseerdeverleden tijd enkelvoud — dialyseerdenverleden tijd meervoud — gedialyseerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | dialyseer | dialyseerde |
| jij | dialyseert | dialyseerde |
| hij, zij, het | dialyseert | dialyseerde |
| wij | dialyseren | dialyseerden |
| jullie | dialyseren | dialyseerden |
| zij | dialyseren | dialyseerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| dialyseer | gebiedende wijs |
| dialyseerde | verleden tijd |
| dialysere | aanvoegende wijs |
| dialyserend | onvoltooid, deelwoord |
| er is gedialyseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedialyseerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedialyseerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedialyseerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedialyseerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedialyseerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedialyseerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedialyseerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedialyseerd | verleden tijd, deelwoord |
| gedialyseerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedialyseerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedialyseerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedialyseerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedialyseerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedialyseerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedialyseerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedialyseerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedialyseerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedialyseerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedialyseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te dialyseren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedialyseerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen dialyseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gedialyseerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gedialyseerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gedialyseerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedialyseerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedialyseerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen dialyseren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult dialyseren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedialyseerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedialyseerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedialyseerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse dialyser met het achtervoegsel -eren
Woordfamilie van dialyseren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dialyseer | gebiedende wijs | dialyseren |
| dialyseerde | verleden tijd | dialyseren |
| dialyseerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | dialyseren |
| dialyseert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | dialyseren |
| dialysere | aanvoegende wijs | dialyseren |
| dialyserend | onvoltooid deelwoord | dialyseren |
| dialyserende | woordvorm | dialyseren |
| gedialyseerd | voltooid deelwoord | dialyseren |
| gedialyseerde | woordvorm | dialyseren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dialyseren zijn vastgelegd.