Naar de inhoud

deprogrammeren

genezen van de gevolgen van een hersenspoeling

deprogrammeren

werkwoord

Betekenis

  1. genezen van de gevolgen van een hersenspoeling

Vervoeging van deprogrammeren

deprogrammerenhele werkwoord — deprogrammeerdeverleden tijd enkelvoud — deprogrammeerdenverleden tijd meervoud — gedeprogrammeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik deprogrammeer deprogrammeerde
jij deprogrammeert deprogrammeerde
hij, zij, het deprogrammeert deprogrammeerde
wij deprogrammeren deprogrammeerden
jullie deprogrammeren deprogrammeerden
zij deprogrammeren deprogrammeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
deprogrammeer gebiedende wijs
deprogrammeerde verleden tijd
deprogrammere aanvoegende wijs
deprogrammerend onvoltooid, deelwoord
er is gedeprogrammeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gedeprogrammeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gedeprogrammeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gedeprogrammeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gedeprogrammeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gedeprogrammeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gedeprogrammeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gedeprogrammeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gedeprogrammeerd verleden tijd, deelwoord
gedeprogrammeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedeprogrammeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gedeprogrammeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedeprogrammeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedeprogrammeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gedeprogrammeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedeprogrammeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gedeprogrammeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedeprogrammeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gedeprogrammeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedeprogrammeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te deprogrammeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gedeprogrammeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen deprogrammeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gedeprogrammeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gedeprogrammeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gedeprogrammeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gedeprogrammeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gedeprogrammeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen deprogrammeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult deprogrammeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gedeprogrammeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedeprogrammeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gedeprogrammeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van het Franse déprogrammer (met het voorvoegsel de- en met het achtervoegsel -eren)

Woordfamilie van deprogrammeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
deprogrammeer gebiedende wijs deprogrammeren
deprogrammeerde verleden tijd deprogrammeren
deprogrammeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon deprogrammeren
deprogrammeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon deprogrammeren
deprogrammere aanvoegende wijs deprogrammeren
deprogrammerend onvoltooid deelwoord deprogrammeren
deprogrammerende woordvorm deprogrammeren
gedeprogrammeerd voltooid deelwoord deprogrammeren
gedeprogrammeerde woordvorm deprogrammeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van deprogrammeren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over deprogrammeren

Wat is de betekenis van deprogrammeren?
Deprogrammeren is een werkwoord. De betekenis is: genezen van de gevolgen van een hersenspoeling.
Hoe vervoeg ik deprogrammeren?
Zo vervoeg je deprogrammeren zo: de tegenwoordige tijd is deprogrammeer, de verleden tijd is deprogrammeerde en het voltooid deelwoord is gedeprogrammeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord deprogrammeren is 26 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. E 1
  3. P 3
  4. R 2
  5. O 1
  6. G 3
  7. R 2
  8. A 1
  9. M 3
  10. M 3
  11. E 1
  12. R 2
  13. E 1
  14. N 1
  15. 26 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

deprogrammeren levert met Wordfeud minimaal 27 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. E 1
  3. P 4
  4. R 2
  5. O 1
  6. G 3
  7. R 2
  8. A 1
  9. M 3
  10. M 3
  11. E 1
  12. R 2
  13. E 1
  14. N 1
  15. 27 zonder bonus
  16. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

deprogrammeren in het kort

deprogrammeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van deprogrammeren staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort deprogrammeren bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

deprogrammeren: genezen van de gevolgen van een hersenspoeling
Deel deprogrammeren — standaardnederlands.nl